Kruis van Verdienste

Soms stel ik mij voor hoe mijn vroege begin van nog in Moeders buik te groeien was.
Vader en Moeder net de wittebroodsweken achter zich,weten nog van niets, ze maken als pasgetrouwd stel plezier met elkaar.

Het is Maandagmorgen, Moeder haalt het bed af, hangt de dekens te luchten en wast de lakens van het jong-echtelijk liefdesnest.
Daar zal ze best een karwei aan hebben, omdat dit nog op de hand gebeuren moet.
Gelukkig is het mooi weer, en kunnen de hagelwitte lakens buiten aan de door een stok omhoog gestoken waslijn drogen.

Ik zie Moeders gezicht vol trots haar lakens bezien, verblindend wit , wapperend in het zachte September briesje van het dorp aan het IJsselmeer.
Nu al heeft ze heimwee naar Vader, en telt vanaf maandag de dagen en nachten af.
Vier nachtjes alleen in het tweepersoons bed en daarna weer heerlijk voor drie nachtjes bij elkaar…
Moeder krijgt blosjes op haar wangen bij de herinneringen van het samenzijn en het verlangen en uitzien naar de thuiskomst van haar jonge echtgenoot op vrijdag.

Ze denkt terug aan het moment op 10 mei 1959.
Haar vingers draaien onwillekeurig haar smalle gouden trouwring rond, het teken van trouw dat ze als prille jonge bruid, Marrie van Marrie van Riekeltjen om haar ringvinger geschoven kreeg van Joh. van Harmen van het Witte Huisje.
Hun ” ja” had luid en duidelijk geklonken op het raadhuis in Urk.
Ondanks dat veel familieleden zich niet verenigen konden met de partnerkeus van beiden, zij hielden van elkaar!
“Johannes Kramer neemt gij…?”
” Ja”
“Marjo Visser, neemt gij…?”
” Ja”
Het verbond tussen deze 2 jonge mensen was een feit!

Vader stapt op deze maandagmorgen ondertussen aan boord van de sleepboot, zijn paar vierkante meter werkterrein.
De motor puft kuchend zoals alleen een sleepboot dat kan, en Vader droomt op de cadans van dit ronken over zíjn Marrie van Riekeltjen.
Het vroege morgenzonnetje van die September maandag streelt zijn gezicht alsof Moeder zijn wangen met haar kussen bedekt.
Zijn mond vormt zich tot een glimlach, en doet zijn hele jonge mannen-lijf gloeien van geluk.
Wat is hij verliefd op zijn jonge bruid, de knapste van alle 10 dochters van Riekeltjen en Marrie Visser.
Zijn handen draaien rond het het gladde hout van het roer alsof hij zijn bruid streelt, waarbij heimwee naar haar zijn hart pijn doet.
Het water is zijn terrein, de meest mooie werkplek op aard, maar straks weer thuis te zijn bij zíjn Marrie…!
Waar hij ook vaart met zijn boot, Neerlands trots wappert Rood Wit Blauw achter Vader aan.
De wind in de vlag neemt de echo van het fluisterend noemen van haar naam, ” Marrie” , zijn bruidje mee over de golfslag van het ruime sop.
Lispelend over het kabbelend en vriendelijk in het zonlicht glinsterend water komt het aan land.
De zachte bries doet nog wel zijn best de echo als een ” return to sender” terug te blazen, maar de in liefde uitgesproken naam wint het van de wind.
Zich gewonnen gevend draagt ze de echo naar de waslijn van Curaçaostraat 5 waar de witte lakens, wapperend als de vlag op Vaders boot, haar fluistering in ontvangst nemen.

Moeder, omringd door de schittering van zon en wapperend wit katoen, voelt een plotselinge rilling in haar lijf.
Teer als het eerste klapwieken van een jong duifje, neemt ze een lichte fladdering waar in haar lijf, het lichaam van een meisje dat plotseling vrouw is.
Nog steeds met haar vingers de smalle gouden ring aan haar vinger ronddraaiend, trachten haar handen het onbekende binnenin haar te vangen.
Daar, waar niet meer één, maar drie harten kloppen, waarvan één het mijne is.

Lekker warm en veilig deinend in het vruchtwater groei ik daar in Moeders veilige schoot.
Samen met mijn tweelingzus, neemt Vader God de tijd me te vormen tot het babymeisje geboren op 13 mei 1960.

Op die dag wappert er weer een vlag op de achterstraat van Curaçaostraat 5.
Nee, meerdere zelfs!
Witte luiers vlaggen een nieuw tijdperk in voor twee jonge verliefde mensen, die om in Bijbelse termen te spreken, zich vermenigvuldigd, vanaf deze dag een gezinnetje vormen.

Bij deze speld ik, Tiny Kramer, oudste dochter van Joh. van Harmen van het Witte Huisje, en Marrie van Marrie van Riekeltjen voor het volbrengen van de moeilijkste en tevens schoonste taak, dit kruis van verdienste op :

VADER en MOEDER

Auteur: tinyonline

Ik word blij van zelf nadenken i.p.v. napraten

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s