Ker(k)mis

Wanneer ik op zondag in de kerk ben fantaseer ik wel eens over het pinksterfeest zoals dat gevierd werd op de dag dat de Heilige Geest in vurige vlammen te zien was op de hoofden van de apostelen.
Fantaseer je mee?

Het is de zondag waarop we volgens de Liturgie Avondmaal vieren.
De dominee bladert in zijn boekje om ons het door de kerkorde opgestelde Avondmaal-formulier voor te lezen.
Onder de kansel zuchtend en met een half oor luisterend, draaien de leden van de kerk wat op hun stoelen, verplicht dit rondje mee te draaien.
Sommigen vragen zich af wie dit ooit bedacht heeft, daar Jezus bij het instellen van het Avondmaal een paar simpele woorden sprak.
“ doe dit tot mijn gedachtenis”
Plotseling begint het in de kerk te waaien zonder dat iemand de deuren tegen elkaar heeft open gezet.
De harde wind rukt het boekje vol formulieren uit de verbaasde handen van de dominee, die zijn hele leven al gebeden heeft om dit moment.
Hij gaat helemaal los, en bij het zien van een vurige vlam op zijn net nog deze week geknipt kapsel, beginnen de kerkleden die hier hun hele leven ook al naar verlangden, te joelen en te gillen van plezier.
De vlam op het hoofd van de dominee slaat over op de hoofden van deze bidders, waarna ze in een kakofonie van onverstaanbare klanken, de dominee voorop, in reidans door de kerk gaan.
In allerlei talen aanbidden ze de Heer, zonder daar ooit een bachelor of diploma op de Theologische Universiteit voor te hebben behaald.((Behalve dan de dominee, die voor deze keer een inboorlingen taal klikt en klakt)
Al spoedig gaan ook bij de anderen de remmen los.

Het is een kermis van uitgelaten blije mensen.
Volwassenen die kinderen worden.
Deftige professoren speciaal door de TU vandaag uitgezonden om te keuren of in deze kerk alles nog wel volgens de regeltje van de kerkorde toegaat, laten elke schroom varen, waarna ze zich in de stoeltjes van de draaimolen al gierend van uitgelaten pret laten rondzwieren.
Afgestudeerde academici staan zij aan zij met eenvoudige ongeletterden in de rij bij de botsautootjes, waarna ze gillend van plezier elkaar de pas afsnijden in hun fel gekeurde voertuigen.
Het reuzenrad draait zijn rondjes zoals nooit eerder vertoond.
Niemand maalt erom dat de bakjes veel te vol geladen zijn, en schommelen op een manier die gisteren nog levensgevaarlijk was.
De gekleurde paardjes draaien luid hinnikend hun rondjes, nog niet eerder zulke vrolijke lasten dragend.

De grijpmachines, die eerder de uit de Action vergaarde prullen nooit prijs gaven, laten met hun klauwen nu automatisch de meest kostbare sieraden, bezet met diamanten en saffieren, in de handen van de glunderende mensen vallen.
Zoals prins Claus zich bevrijdde van zijn knellende stropdas, rukken door hun overgewicht door de kansel gezakte Reformatorische dominees hun witte bef af, die hun( zo dachten ze trots) onderscheidde van de graatmagere Evangelisch in spijkerbroek en T-shirt geklede pastors.
Heupwiegend met de handen hoog in de lucht, bewegen ze zich samen naar het Schommelschip, waar men eensgezind het net aan de andere kant uitgooit.

Oliebollen, rijk bestoven, worden met tientallen opgesmikkeld.
Het vet vermengt met de poedersuiker, loopt in smalle stroompjes langs de monden van de smulpapen, en vormt plasje in de plooitjes en holte van hun keel.
Met de de twaalf manden overgebleven oliebollen wordt een gooi en smijt wedstrijdje georganiseerd, waarna men al spoedig de dominee bij de kladden grijpt en hem onder luid gejoel “stenigt”.
Het spel meespelend laat hij zich ter aarde vallen, biddend om vergeving voor de onwetendheid van het zoveel jaren in de pas lopen van de zelfbedachte regeltjes.

De roze kleurige suikerspinnen vinden gretig aftrek, en groot en klein smeert elkaar het kleverige goedje gierend in de haren.
Spuitbussen worden uitgedeeld, waaruit neon- kleurig poeder de kleding en haren van de mensen er steeds grotesker uit laat zien.
Iedereen omarmt elkaar en blijft aan de ander plakken, maar het maakt niet uit,
#metoo heeft deze dag een hemelse betekenis gekregen.
Alles is omgedraaid.
Hier hebben de mensen van gedroomd, weer zonder gêne kind te zijn, zonder zich te bekommeren wat een ander er van denkt.
De schaamte voorbij ontdekt men verheugd dat de ander net zo is.

Vol zelfspot bekijken ze elkaar in de lachspiegels en slaan elkaar joelend op de borst om hun idiote verwaandheid te denken dat ze in hun eigen gebouwde torens de hemel konden beklimmen om daar hun eigen vaandel te planten.
Wat een hilariteit!
“ wat zijn we dwaas geweest luitjes” roepen ze elkaar toe.
Grinnikend om hun eigen verwaandheid danst men als bevrijde mensen rond het doopvont en spat elkaar nat met de druppeltjes water.
De Avondmaal tafel, waarvan het witte kleed door de heilige wind langs het dak wappert als een sein: “ ik geef me over” gaat uit zich zelf dansend langs de uitgelaten mensen, waarna men zich lachend laat bedienen met de stukjes wit brood en een slokje rode wijn.
Meer kan er ook niet meer bij, de buiken zijn al rond gegeten met de vet en zoete overvloed van de kermis.

Het deert niemand dat de vrome Farizeeën en Farizeeën, met van afkeuring stijf op elkaar geklemde lippen, de spot drijven met de in vuur en vlam gezette mensen.
Laat hen maar zeggen dat de anderen dronken zijn, daarmee zeggen ze geen woord verkeerd.
Jezus stroomt als vreugde gevende wijn door de aderen van deze in hun ogen dwaze mensen.
Hij heeft alles omgedraaid, wat hiervoor nog abnormaal was, is nu normaal geworden, en andersom ook!
De dwaasheid van het Evangelie heeft de kerk verandert in een feestvierend kermis terrein.
Joegheeee….

Auteur: tinyonline

Ik word blij van zelf nadenken i.p.v. napraten

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s