Altijd en altijd goed

Als christen leven we in het spanningsveld tussen dat wat als absolute waarheid in Gods Woord en door openbaring aan ons bekend gemaakt is, én het mysterie waarin we op veel vragen geen antwoord hebben.

In Ps.103 bijvoorbeeld zegt David tegen zijn ziel:
‘Prijs de Heer en vergeet niet dat Hij altijd goed is’
‘Waarom is God goed?’ vragen we aan David.
Hij zingt:
‘Omdat Hij al je zonden vergeeft en al je ziekten geneest’

Het zoeken naar balans tussen de werkelijkheid van de openbaring, en het onverklaarbare temidden van het mysterie brengt ons iedere keer weer terug bij de vraag:’ in hoeverre is God te vertrouwen?’
En persoonlijk; ‘vertrouw ik God in alles?’
Deze uitdaging niet uit de weg gaan maakt dat we leren in elke situatie Hem te loven en prijzen, omdat Hij goed is.
Altijd!

Geloof je dat?
Ook als je geen antwoord hebt op de vraag waarom voor jou ziekte (nog) genezing uitblijft?
Ook wanneer iemand uit je naaste omgeving overleden is, terwijl je zó gebeden hebt om genezing?
Blijf je Hem dan toch vertrouwen?

Jezus, de Zoon van God heeft in Zijn lijden en sterven niet alleen de rekening van onze zonden betaald, Hij betaalde tevens de rekening voor al onze ziekten.
We lezen dat Jezus striemen ons genezing hebben gebracht, en toch blijft genezing uit…
Wat doen we dan?
Gaan we de uitdaging aan om in een situatie waar, we op vragen geen antwoord hebben, toch op Zijn woord te blijven staan: Hij is goed, altijd?

Stel, ik kom in de winkel en zie daar het fornuis van mijn dromen, een prachtige Boretti.
Ik koop dat fornuis en betaal
€7500, het is van mij.
Na vijf jaar ga ik terug en zeg tegen de eigenaar van de winkel; ‘ik koop het toch maar niet’
Iedereen zou dit een dwaze actie vinden, want ik heb het fornuis toch vijf jaar geleden al gekocht en betaald?

Wanneer we als kinderen van God de uitdaging van het leven tussen de openbaring en het mysterie uit de weg gaan, begeven we ons op zeer gevaarlijk terrein, het terrein waarin de slang ons meetrekt naar zijn niveau en we stof gaan happen.
In plaats van te blijven geloven dat God goed is, gaan we in het mysterie zelf de antwoorden bedenken om maar te verklaren wat we niet begrijpen.
Maar geloven is toch vertrouwen op dat wat je vaak niet ziet?

Terwijl we dat met onze mond belijden en geloven dat God, omdat Hij goed is, alle zonden vergeeft, zijn we gaan geloven dat God, omdat Hij goed is, ons ziek maakt.
We hebben allerlei verklaringen en formules bedacht zoals;’ Hij wil me hierdoor leren een betere christen te zijn’

Maar hoe kan Jezus, dat wat Hij tweeduizend jaar geleden gekocht en betaald heeft, nu opeens niet meer kopen?
Hij hééft het toch al gekocht?

We geloven dat wanneer we onze zonden belijden God vergeeft.
Wanneer we in de kerk zouden leren dat God ons niet altíjd vergeeft maar soms zegt; ‘Ik heb deze zonde of verslaving in mijn goedheid zelf aan je gegeven om je daardoor een beter mens te maken,’vinden we dat de grootste kolder.
Toch zijn we als kerk wel gaan geloven dat God ons ziek maakt om ons betere christenen te maken…

Dat wat de duivel, die het kwaad zelf is en daarom alleen slechts in de wereld heeft gebracht, gaan we notabene aan God, die goed is, toeschrijven!
We danken Hem er zelfs voor…
We zijn het kwaad goed gaan noemen!

Terwijl Jezus met Zijn bloed betaalde voor de vergeving van al onze zonden, geloven we dat Hij de koop van onze ziekten geannuleerd heeft.
Iets wat te dwaas voor woorden is omdat Hij er tweeduizend jaar geleden al voor betaald heeft.

Om dit mysterie op te lossen is het volgende antwoord bedacht; ‘ God is niet alleen de Vader van Jezus Christus, maar ook een God die ons juist ziekte geeft om ons iets te leren en ons dichter bij Hem te trekken.’

Als dit waar is, zijn God en Jezus elkaars tegenstanders.
De Bijbel zegt heel iets anders.
Toen Jezus op aarde was genas Hij alle zieken die bij Hen kwamen, ongeacht hun geloof of ongeloof.
Hij zegt in Joh.10:30, ‘Ik en de Vader zijn Één.’

Hoe heeft het zo ver kunnen komen dat we als kerk, de gemeente waarin God in Zijn kinderen Zijn goedheid wil tonen, de leugen zijn gaan geloven dat Hij dat o.a. doet door ons ziekte te geven?
Hoe komt het dat de gemeente van Jezus Christus met haar eigen bedachte antwoorden Gods waarheid tot een leugen heeft gemaakt?
Hoe komt het dat we deze door Satan ingefluisterde leugen, Gods goedheid zijn gaan noemen?
Hoe heeft het zo ver kunnen komen dat we blind geworden zijn voor deze godslastering en het als goed nieuws verkondigen?

Het kan toch niet waar zijn dat de rover het door Jezus duurbetaalde geschenk van vergeving en genezing steelt, waarna we God danken, loven en prijzen, voor dat wat op conto van Zijn vijand staat?

Paulus zou zeggen;’Zijn jullie nou helemaal gek geworden?
Wie heeft u betoverd?’

Stel, je neemt vol verwachting één van je buren mee naar de dienst.
Zeg je dan tegen diegene: ‘ dat boek op de kansel is de Bijbel, het woord van God.
Maar, ik waarschuw je alvast, je moet niet alles wat erin staat geloven hoor.
Ssstt, niet verder vertellen, dit blijft toch wel onder ons?’
Nee toch?
Maar, in ons hart zijn we dat wel gaan geloven: niet alles wat God in Zijn woord zegt is waar want…
Vervolgens beantwoorden we vragen waarop ons nooit gevraagd is een antwoord te geven.
De enige vraag die God, de Vader van Jezus Christus en daarom ook onze Vader, stelt is; ‘Durf je mij vertrouwen?
Dan zal ik je mijn grootheid laten zien’

Deze grootheid van God ontdekken we pas in de intimiteit van volledige overgave.
De overgave van een kind aan zijn Vader.
Zoals wanneer je als kleuter bovenaan de trap door vader beneden aangemoedigd wordt te springen.
In het volste vertrouwen dat hij je niet te pletter zal laten vallen, spring je en wordt door twee sterke armen opgevangen.
Hij is immers je vader?
Opgewonden gil je; ‘nog een keer, nog een keer’

We zijn als kerk een nieuwe reformatie nodig, een opnieuw ontdekken van Gods goedheid en Zijn verlangen naar intieme omgang.
In Zijn diepe hunkering ons als Zijn kinderen aan te nemen betaalde Hij daarvoor de hoogste prijs, Zichzelf.
Dit opnieuw te ontdekken doet ons aan Zijn voeten op de knieën vallen, waar we belijden hoe zeer we Zijn goedheid veronachtzaamd hebben.
Zijn genade te gaan leven voedt ons geloof en vertrouwen in een goede God.
Een God waarin geen schaduw van omkeer is.
Een God die al je zonden vergeeft.
Een God die al je ziekten geneest.

Kom mijn ziel, loof en prijs de Heer want Hij is goed!
Altijd…?
Ook waneer…?
Altijd!

Auteur: tinyonline

Ik word blij van zelf nadenken i.p.v. napraten

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s