Wie betaalt, bepaalt?

Op tv zag ik eens een fragmentje van de uitreiking van één of andere grote geldprijs.
De reactie van de winnaars op de vraag van de verslaggever: ‘wat gaat u ermee doen?’ was amusant ad rem: ‘dat gaat niemand wat aan.’
En gelijk hebben ze!

Een soortgelijke situatie, en naar mijn persoonlijke mening nóg pijnlijker onbeschaamd doet zich voor wanneer je weinig geld te besteden hebt.
Eerder schreef ik al over mijn ervaringen t.a.v. de Voedselbank, een artikel dat door diverse lezers negatief ontvangen is en me verschillende vijanden heeft opgeleverd.
Maar dat niet alleen, van een enkeling hoorde ik zeggen dat het hun ogen heeft geopend en ze nu toch wat anders naar armoede en/of de voedselbank kijken.
Mijn blog van vandaag is een ongewild vervolg.

Het is bekend dat ineens een groot geldbedrag winnen iets met je doet, logisch natuurlijk!
Tevens doet het iets met de omgeving, opeens wil iedereen vriendjes zijn met de nieuwe rijken, waarom terecht begeleiding wordt geboden hoe met de nieuwe status om te gaan.

Armoede doet ook iets met je, ten eerste met je status.
Geen leuke uitstapjes, niet naar de sportschool, niet aansluiten bij één of andere klup, het betekent een zeker isolement waar je niet zelf voor gekozen hebt.
Schaamte en iedere keer moeten zeggen dat je geen geld hebt, plaatsen je langzaam maar zeker buiten de kring.

De reden waarom ik dit blog schrijf is om een nog andere, zo niet pijnlijker vorm van isolement.
Armoede van de één verandert in zekere zin namelijk ook de ander in je omgeving.

Mijn maatschappelijke status de komende jaren is dat ik onder bewind sta, en iedere stap aan de rechtbank moet verantwoorden.
Ik heb daar moeite mee, erg veel moeite.
Gelukkig heeft Vader enkele mensen in mijn leven geplaatst die me regelmatig wat toestoppen, waardoor ik mezelf af en toe mee uit neem, iets nieuws kan kopen, het lampje van de afzuigkap kan verwisselen of mezelf trakteer op een kopje koffie bij LaPlace.

In principe moet ook hier verantwoording over worden afgelegd, alsof overal je gangen worden nagegaan.
Op iedere straathoek van mijn leven hangen als het ware camera’s om vast te leggen of er niet ergens verborgen geld ligt.
Wat ik steeds vaker tegenkom is dat buiten de controle van de rechtbank, ook de omgeving ongevraagd meekijkt en verantwoording eist.

Dat gaat dan bijvoorbeeld zo: “je hebt anders wel een heel dure fiets.”
Of: “hoe komt het dat je dit of dat dan wel betalen kunt?”
Of: “oh, en wie betaalt dat dan voor je?”
Of: “ik kan anders niet aan je zien dat je naar de Voedselbank moet.”
Of je hoort via via dat je niet genoeg dankjewel gezegd hebt voor iets wat je gekregen hebt…
Wanneer ik in mijn naïviteit mijn blijdschap deel over een onverwachts extraatje zijn er genoeg mensen die oprecht blij voor en met me zijn, maar ik kijk er ook niet meer van op dat er zeer negatief gereageerd wordt met: ‘mooi makkelijk hè dat een ander alles voor je betaald.’
Het heeft me zelfs vriendschappen gekost…

Ik kan nog veel meer voorbeelden van dit soort opmerkingen noemen, waarvan je al heel snel de ondertoon leert herkennen.
Het gevolg van dit voortdurend controleren is dat maar gewoon thuis blijven het meest veilig lijkt
waardoor je uiteindelijk niemand meer ziet en het contact met de buitenwereld nog verder verliest.

Eerlijk, ik begin steeds meer moeite te krijgen met al die ongevraagde bemoeizucht.
Ik ben een mensenmens maar merk dat het steeds lastiger wordt open en zonder oordeel naar de omgeving te zijn dus ik vraag wat hulp van die omgeving.

Zou je daarom alsjeblieft wat moeite willen doen je af te vragen wat je voor de arme medemens zou kunnen betekenen?
(niet persé voor mij, er zijn er veel meer dan je denkt)
Een tip kan b.v. zijn:
wanneer je je bijdrage aan de voedselbank aflevert, vraag je zelf dan eens af wie je in een meer persoonlijk contact aan je tafel nodigen kunt.
Probeer zonder oordeel eens te bedenken dat elke voor jou zo gewone boodschap, dokters of tandartsbehandeling, reparatie, onderhouds of knipbuurt, vakanties en uitjes, lidmaatschappen en abonnementen misschien voor een bepaald lid van je familie, je buren of een lid van de gemeente niet te betalen zijn.
Durf je dat aan; niet weg te kijken van de om je heen toenemende armoede en de gevolgen die dat voor je medemens heeft?

Durf je écht te kijken om te zien?

De vraag aan mezelf is: durf je het aan om kwetsbaar en open je armoede en rijkdom te (blijven) delen?
Zonder een oordeel te hebben over het groeiend onbegrip…

Link naar mijn blog over de Voedselbank

Voedselbank

Vermalen.

Na jaren in een fout huwelijk gevangen te hebben gezeten had ik eindelijk de moed me daaruit los te maken.
Nadat een psychiater me de ogen opende door me te vertellen dat mijn man een narcist was, brak pas echt de hel los in wat ik daarvoor al als een hel ervaarde.

Binnenhuis leefde ik een eenzaam bestaan.
Ik werd geminacht, genegeerd en mishandeld.
Toen ik eindelijk de moed had daar buitenshuis over te vertellen gebeurde precies het tegenovergestelde van wat je verwachten zou.
De gelederen sloten zich, omdat niemand geloofde wat ik aan afschuwelijke dingen te vertellen had.

Alhoewel de recherche me waarschuwde voor de wraakneming van de narcist was ik niet voorbereid op de genadeloze afrekening van de man die me eens had beloofd trouw te zijn tot de dood.
Ik werd doelbewust geïsoleerd, totdat zelfs de kerk me buitensloot.

Doordat iedereen mijn waarschuwing in de wind sloeg werd de narcist de mogelijkheid geboden me totaal te ruïneren.
Ik ondervond zelf hoe het is om asielzoeker te zijn in eigen land.

Nadat ik ver weg uit die situatie een eigen huisje kreeg kwam ik erachter dat ik nog lang niet van deze man af was.
Met deze verschrikkelijke gevolgen moet ik iedere dag dealen.

Het frustrende van deze situatie is, het gebeurt legaal!
Mijn enige misdaad is dat ik in gemeenschap van goederen getrouwd was.
Op die manier kan een expartner zich legaal en dus ongestraft wreken op de ander.
Toen ik me los maakte uit de geweldsspiraal van mijn huwelijk met een narcist en pedofiel kreeg ik te maken met een falend rechtssysteem dat me geen enkele bescherming bood.
Dit zelfde systeem werd mijn volgende gevangenis, en zet me al jaren het mes op de keel door me te blijven achtervolgen met de concequenties van hun eigen falen me niet te beschermen tegen deze man.
Omdat toen niemand me hielp, is me bewust en weloverwogen een enorme schuld opgelegd.
Het toen falende systeem weet nu wel míjn deur te vinden en wanneer ik niet open doe trappen ze die gewoon in.
Ik heb als het ware geen deur meer, de schuldeisers zijn in feite de baas over mijn huis, bankrekening en brievenbus.
Ik overdrijf niet wanneer ik zeg dat ik een rechtenloos iemand geworden ben.
Het systeem dat de deur dicht deed toen ik hun hulp nodig had, biedt me nu hulp door me afhankelijk van hun systeem te maken.
Mijn enig recht is de hand op te houden en ‘dankuwel’ te zeggen.
Door me van loket naar loket te verwijzen ben ik in een systeem van stapelingeproblematiek terecht gekomen, waarvan het de bedoeling is steeds meer afhankelijk van dat systeem te worden.
Bewust!
Er wordt namelijk veel geld aan me verdiend!
Achter elk loket zit iemand die aan mijn nood naar de Voedselbank te moeten zelf een dikke boterham verdiend.

Van mij wordt verwacht dat ik murw geslagen mijn hoofd buig voor dit systeem.
Maar ik kan dat niet!
Ondanks dat ik door iedere instantie die ik nu om hulp vraag gewaarschuwd word me niet tegen het systeem te verzetten, weiger ik me te voegen in deze nieuwe wurggreep.

Laatst zei iemand;’ vecht er niet tegen, want je wint het toch niet.
Laat het systeem voor jou werken!’

Dat zou dus betekenen dat ik als afhankelijk van het systeem gemaakt me nu moet onderwerpen aan degene die me destijds lieten stikken.
Het gevolg is dan toch dat ik me in een alsmaar ronddraaiende cirkel van manipulatie bevind?
Destijds in dat van een narcistische partner, nu in dat van een falend rechtssysteem.
In beide gevallen ben ik de verliezer.

Het feit dat ik me een kind van God weet versterkt mijn verzet tegen dit onbarmhartig genadeloos kille systeem.
Ik weiger me te buigen voor dit beeld, omdat ik maar voor één God door de knieën ga, de God en Vader van de Here Jezus Christus.

Waar ik om bid is dat het systeem zich voor mijn God zal buigen.
Omdat ik Zijn kind ben verwacht ik dat Hij me uit deze gevangenis bevrijden zal.

Ik moet me binnenkort weer verantwoorden bij de rechtbank.
Ik bid dat ik eindelijk eens gehoord word en de rechter zíjn verantwoordelijkheid neemt en me vrij spreekt van een misdaad die ik niet begaan heb.

Bid met me mee alsjeblieft.
Bid voor me dat ik tussen de molenstenen van dit falend rechtssysteem niet vermalen word.
Bid om genade en vergeving voor degene die me met liefde tussen hun kaken verslinden willen.
Bid om recht.
Dank vooral, omdat God goed is!

Psalm 56
Wees mij genadig, o God, want de sterveling wil mij opslokken; de hele dag onderdrukt mij de bestrijder. Mijn belagers willen mij de hele dag opslokken, want ik heb veel bestrijders, o Allerhoogste!
Op de dag dat ik vrees, vertrouw ík op U.
In God prijs ik Zijn woord, op God vertrouw ik, ik vrees niet; wat zou een schepsel mij kunnen doen?
De hele dag verdraaien zij mijn woorden; al hun gedachten zijn tegen mij ten kwade.
Zij scholen samen, zij verbergen zich; zij letten op mijn voetstappen, omdat zij loeren op mijn leven.
Zouden zij bij zoveel onrecht vrijuit gaan? Stort de volken neer in toorn, o God! Ú hebt mijn omzwervingen geteld; doe mijn tranen in Uw kruik.
Staan zij niet in Uw register? Dan zullen mijn vijanden terugdeinzen, op de dag dat ik roep.
Dit weet ik: dat God met mij is. In God prijs ik het woord, in de HEERE prijs ik het woord.
Ik vertrouw op God, ik vrees niet; wat zou de mens mij kunnen doen?
O God, op mij rusten geloften, aan U gedaan; ik zal ze aan U met dank zegging nakomen.
Want U hebt mijn ziel gered van de dood – hebt U niet mijn voeten voor struikelen behoed? – zodat ik voor Gods aangezicht zal wandelen in het licht van de levenden.’

‭‭Psalm‬ ‭56:2-14‬ ‭HSV‬‬
https://www.bible.com/1990/psa.56.2-14.hsv

Help, ik heb schuld!

Ik ben schuldig en moet me voor de rechter verantwoorden.
Ik heb me namelijk niet aan de door de rechtbank opgelegde enkelband van regels en verplichting van de WSNP gehouden.
Ik heb een schuld van meer dan een ton, dus moet ik een baan zoeken want er moet geld in het laatje komen.

Alleen, het is niet mijn schuld, die schuld.
Het is de schuld van alle instanties waarbij ik jaren geleden om hulp smeekte, en waar keer op keer de deur dichtgesmeten werd.
Ik schreeuwde om bescherming tegen een zeer foute man, die alleen al om de twee pogingen me te doden achter de tralies thuis hoort.
Toen het me zelfs niet lukte om hem veroordeeld te krijgen voor het zich aan kinderen vergrijpen, ben ik ver van hem vandaan gaan wonen.
Ik wilde niet alleen weg bij deze man, ik kon ook al degenen die het me kwalijk namen zo te ‘lasteren’ over mijn eigen man, niet meer om me heen verdragen.
Door kerk en samenleving uitgekotst ben ik gaan begrijpen hoe eenzaam het bestaan van een klokkenluider is.
Terwijl ik verwachtte dat er voor mij, als slachtoffer van deze man, beschermingsplicht was, nam men de dader onder zegenende hoede.
Dat gaf hem de gelegenheid mij uit wraak ook financieel te ruïneren.
En omdat ik in gemeenschap van goederen was getrouwd, wordt de bewust gemaakte schuld van degene die me trouw beloofde tot de dood, ook mij aangerekend.
Dat heeft gemaakt dat ik onder aan de samenleving bungelend allerlei vernederingen moet ondergaan, omdat mijn status daar voor menig instantie toestemming voor lijkt te verlenen.
Mijn post gaat eerst naar de rechtbank, waarna ik het na controle zelf krijg toegestuurd.
De wet op de privacy geldt niet meer voor een rechteloos persoon als ik ben.
Het onder aan de samenleving bungelen betekent tevens dat er heel veel mensen achter ontelbare loketten een dikke boterham verdienen aan mijn ellende.
Vandaar dat het wenselijk is mijn ellende zo lang mogelijk te rekken of liever nog, te verergeren.

Om mij heen is daarom een soort industrie ontstaan van mij hard tegenwerkende arbeiders in de ellende en wanhoop fabriek.

Omdat ik door deze situatie zowel lichamelijk als psychisch ziek ben geworden, heb ik er een dik probleem bij.
Ik heb nl. geen enkel recht meer, dus mag ik ook niet ziek zijn.
Zelfs toen ik doodziek in het ziekenhuis opgenomen was, werd me de verplichting te solliciteren ongenadig onder de neus gewreven.

Dat ik daardoor niet herstellen kan, is mijn probleem, aldus de rechtbank en bewindvoerder.

Ik ben dus schuldig!
Het jarenlang opgejaagd zijn door een foute man heeft zich door toedoen van die man voortgezet in het opgejaagd worden door de rechtbank.
Deze rechtbank seponeerde mijn aangifte van een moordaanslag op mijn leven, net zoals men de bewering van pedofilie niet serieus nam, maar zit mij nu wel zelf dag in dag uit op de hielen.
Terwijl ik dus zelf steeds op dichte deuren bons lopen de gevolgen van het gehuwd zijn met het kwaad zelf mijn eigen deur plat.
Ik heb niet eens meer een deur!

Ik heb gemerkt dat wanneer ik wel eens probeer te vertellen over hoe radeloos ik soms kan zijn, haast niemand echt zit te wachten op mijn verhaal.
Het is een ver van mijn bed wereld waar men liever de ogen voor sluit, zodat dat wat je niet ziet je ook niet deert.
Bovendien komen er vaak allerlei opmerkingen van ongeloof over wat ik vertel, want dat kan toch nooit waar zijn?
Omdat het ongelooflijk lijkt is het blijkbaar ook geen waarheid en hoef je er niets aan te doen.
Of ik krijg te horen dat ik het achter me moet laten, wat nogal onmogelijk is wanneer de gevolgen van dat wat ik zelf ook zo graag achter me laat, me iedere dag achtervolgen.
Zo’n opmerking voelt als dat ik door degene die dat zegt, zelf achter gelaten word.

Waarom schrijf ik dit?
Omdat er toch nog een soort van hoopje is op een beetje begrip.
Ik ben nl. de wanhoop nabij, het opjagen heeft zijn tol geeist.
Het alleen zijn hierin valt me steeds zwaarder, en ik zit niet te wachten op allerlei adviezen van wat ik volgens die of gene doen moet.
Ik heb het namelijk allemaal al gedaan!
Daarbij kost het voortdurend moeten uitleggen van wat ikzelf ook niet begrijp me steeds meer moeite.

Wanneer uit belangstelling en meeleven geluisterd wordt is heel wat anders dan uitleggen, tenminste dat is hoe ik het zelf ervaar.

Wat ik nu vooral nodig heb is een arm om me heen, en een zegenende hand op mijn hoofd.
Want ik weet het zelf even niet meer…

Veiligheid binnen de omheining van de gemeente.

Deze week las ik een aantal artikelen rond de moord op een moeder van kinderen in Mijdrecht.
Twee dingen vielen me vooral op:
0. De burgermeester zegt al bij voorbaat dat er geen fouten gemaakt zijn…
Huh?
Terwijl hij zich haast om zijn handen in onschuld te wassen, ligt een door haar ex vermoorde vrouw en moeder van kinderen aan zijn voeten, en op zijn bureau ligt een dik dossier van door dezelfde vrouw gedane aangiftes van stalking en bedreiging…

0. De kerk opent een avond de deuren voor troost.
Dat is natuurlijk prachtig, een open kerk.
Alle deuren wijd open…
Maar bij mij borrelen er dan tevens allerlei vragen.
Één avond maar?
De kerk hoort toch altijd open te zijn?
En waar was de kerk vóór de moord?

Ook één dezer dagen hoorde ik op een kerkelijke bijeenkomst tevens de term “hulp bij vechtscheidingen” voorbij komen.
Daarmee wordt bedoelt:’ het bij kinderen zoveel mogelijk schade zien te voorkomen, temidden van de elkaar de tent uitvechtende ouders/ ex-partners’
Niet alleen in het kader van de moord in Mijdrecht, maar niet in het minst persoonlijk, raakt deze bewoording mij erg.
Het plakkertje ‘vechtscheiding’ onderstreept de heersende mening:
‘twee kijven, twee schuld’, waarom het in de hulpverlening direct al mis gaat, zowel van professionele kant als aan de zijde van de naaste omgeving van beide partners.

In haast alle gevallen zal vooral één van de partijen blij zijn met deze onjuiste constatering, waarbij de andere partij voornamelijk onnoemelijk te lijden heeft van dit oordeel.
De suggestie twee kijven, twee schuld is nou juist bij ‘vechtscheidingen’ funest, en zal de situatie alleen maar verergeren.
De vechtende ouders vechten wel allebei, maar ieder op een heel ander niveau en daarom ook met ieder een ander doel.

(Om het wat gemakkelijker begrijpbaar te maken noem ik het vervolgens ‘de man’ en ‘de vrouw of moeder’
Het zal omgekeerd alhoewel minder vaak, ook plaats vinden)

De man zal in een ‘vechtscheiding’ nietsontziend geen poging onbenut laten de ex-partner, de vrouw en vaak moeder van zijn kinderen te ruïneren, terwijl deze moeder alles in het werk probeert te stellen een veilig heenkomen voor haar en haar kinderen te vinden.
Dat is ook haar plicht, omdat ze na jaren binnenshuis terreur niet meer anders kan dan vluchten, al was het alleen al om de kinderen in veiligheid te brengen.
In plaats dat deze moeder hulp krijgt, wordt wat ze eindelijk durft vertellen meestal niet gelooft, waardoor ze steeds radelozer op allerlei deuren bonst.

De man zal zijn spel van buitenshuis charmeur voort zetten, en iedereen om de tuin leiden.
Hij windt de hele omgeving om de vingers en zal de buitenwereld vertellen wat een hysterica zijn ex-vrouw is.
Omdat de radeloze moeder steeds harder gaat schreeuwen, komt deze ‘voorspelling’ uit en begint de omgeving de moeder te mijden en de rug toe te draaien.
Met maar één winnaar, de ten oorlog getrokken ex-man, die door de omgeving de hand boven het hoofd wordt gehouden, en daardoor onbewust hulp krijgt van degene die de vrouw en kinderen zouden moeten beschermen.
Het gevolg is dat de omgeving, betrokken in het meedogenloze spel van deze man, mede verantwoordelijk wordt voor de ‘vechtscheiding’ en het ruïneren van de wanhopige moeder.
Terwijl de radeloze vrouw en moeder recht heeft op bescherming, keert men zich tegen haar, en sluiten de deuren, ogen, oren en harten zich op haar hulpgeroep.

Dat dit ook in de kerk kan gebeuren is het meest schokkend.
De reden waarom het daar gebeurt is de, naar mijn mening, ontstane cultuur van niet mogen oordelen.
Oordelen is onder gelovigen welhaast de grootste zonde geworden, waardoor juist in deze omgeving een rover zo welkom geheten zal worden.
Terwijl we in de kerk leren dat Satan rond gaat als een briesende leeuw, onderkennen we niet dat dezelfde Satan daar mensen voor gebruikt, en dan vooral op het grondgebied van zijn vijand, Jezus.
Omdat we eenzijdig leren liefde te moeten betonen is de in schaapskleren vermomde wolf in onze schaapskudde een meer dan welkom gast, waardoor een ontwrichting zoals in een ‘vechtscheiding’ beschreven ook in de kerk niet onderkend wordt.

Zelf onderdeel van zo’n ‘vechtscheiding’ heb ik in en door mijn toenmalige kerk het grootste trauma van deze situatie opgedaan.
Niet mogen oordelen veroordeelt wanhopige ex-partners tot isolatie en in sommige gevallen tot de dood door (zelf)moord.
Daarom houd ik mijn hart vast wanneer ik in de kerk het woord ‘vechtscheiding’ en de daarachter gelegen motivatie hoor.
Ik huil om de vrouwen en moeders van kinderen die de moed hebben te ontsnappen aan de terreur van de voor de buitenwereld vaak oh zo charmante ex-partner, waarop hen door de omgeving oordeel en buitensluiting te wachten staat.
Ik zal daarom waar het kan mijn stem laten horen in de hoop dat men de ogen opent voor wat er werkelijk speelt in een ‘vechtscheiding’
Niet alleen in de samenleving op zich, maar vooral in de kerk, dé plek waar we het meest waakzaam moeten zijn voor de rover, en deze buiten moeten sluiten.
Dé plek waar een radeloze vrouw en moeder asiel verdient binnen de omheining van de schaapskooi van Jezus.

Misbruik

Onderstaand bericht in het AD van vandaag maakt me zó boos.

Hoe kan het toch bestaan dat een man als deze, tientallen jaren door kan gaan terwijl alle seinen op rood staan en de alarmbellen al die tijd al luid rinkelen? Het raakt me persoonlijk omdat ook ik aangifte wilde doen tegen een man die als basisschool leraar al tientallen jaren de dans ontspringt.

Een man die zich vergreep aan zijn eigen kinderen waarvan de aangifte werd weg gewimpeld als “wraakneming van een rancuneuze ex.”
Een man wiens computer vol staat met kinderporno, waarvan aangifte meteen al zinloos was daar ” u zelf dat er ook op gezet kan hebben mevrouw…( tje)”

Gezien mijn eigen ervaring kan ik maar één conclusie trekken:

Omdat de basisschool-directeur liever een jurist inschakelde om daarmee zichzelf en de school in te dekken,dan aangifte te doen van misbruik van de onder zijn hoede gestelde kinderen,

Omdat zelfs de ouders liever geheimhouding tekenden over het misbruik van hun kind, dan aangifte te doen,

Omdat een kerk liever de ex-vrouw met haar kinderen buiten sloot dan aangifte deed tegen hun welbespraakte ouderling,

Omdat een volgende vrouw door haar kerk liever werd genegeerd, dan steun en bijstand te verlenen in het aangifte doen tegen deze man, waardoor deze narcistische pedofiel de hand boven het hoofd wordt gehouden en weer gewoon voor de klas staat,

Omdat bij aangifte doen zelfs bij politie en recherche het slachtoffer niet serieus wordt genomen, en een aangifte na maanden wachten een “sepot” wordt ( dus waarom zou je aangifte doen?)kan dit bederf doorgaan.

In alle gevallen is “victim-blaming” de oorzaak!

Dit zorgt ervoor dat de alarmbellen hun klank horen wegsterven, en de vuurrode seinen hun licht zien doven.

Totdat geen enkel kind meer veilig is tegen deze roofdieren.

En daar hebben we dan zelf voor gezorgd.
De enkeling die zijn mond nog open durft doen wordt namelijk al snel de mond gesnoerd, en moet zijn weg zien te vinden in hoe verder te leven met de wetenschap dat ondertussen…

‘Atletiektrainer uit Rotterdam misbruikte jarenlang meisjes’

https://www.ad.nl/rotterdam/atletiektrainer-uit-rotterdam-misbruikte-jarenlang-meisjes~a8997be3/

%d bloggers liken dit: