Mijn achternaam.

Zo’n 18 jaar geleden leerde ik een man kennen in de kerk,in de plaats waar ik toen woonde.

Ik was alleenstaand,en had juist net mijn draai weer wat gevonden in het leven.

Al gauw was ik straalverliefd op deze man,leraar,ouderling,volgens mij zat het nu wel goed.

Na een tijdje gingen we trouwen.

Het is tegenwoordig zo dat een vrouw mag kiezen welke achternaam ze gaat dragen als gehuwde vrouw.

Ik koos er voor om de achternaam van mijn man te dragen.

Bewust,want ik was er trots op dat ik zijn naam mocht dragen.


Nu,18 jaar later krimpt mijn hart ineen wanneer ik deze naam lees,of er zelfs maar aan denk.

Soms komt er post met deze naam,en mijn hart staat dan stil in mijn lijf.

Mijn keel knijpt dicht van hoe zeer het doet van binnen.

Want na een tijdje deze naam gedragen te hebben kwam ik erachter dat de man,waarvan ik met trots zijn naam droeg,dingen deed die het daglicht niet konden verdragen.

Zulke verschrikkelijke dingen,dat ik me ging schamen voor mijn achternaam.

Ik wilde niet langer deze naam dragen,omdat ik niet verbonden wilde zijn met de man die deze achternaam droeg.

Ik voelde me vies door die naam.

De rechter moest eraan te pas komen om me ook wettelijk vrij te maken van deze naam.


Waarom vertel ik dit?

Omdat ik me zo verwonder over het feit dat ik zoveel christenen om me heen zie die,als vrouw bv met trots de achternaam van hun man dragen,(of andersom,want dat kan tegenwoordig ook,de man gaat de achternaam van de vrouw dragen),en vaak zo terughoudend zijn over hun naam in het Koninkrijk,nl Christen.

Kind van God.

De gerechtigheid Gods in Christus.

Terwijl er vanuit de hemel alles aan gedaan is om ons de Naam boven alle naam te laten dragen als bruid van Christus,noemen we onszelf toch nog vaak naar de naam die we vóór onze bekering droegen,nl. “Zondaar.”

Waar heeft dat nou in vredesnaam mee te maken?

Volgens mij geeft Paulus het antwoord.

Hij schrijft in zijn brieven aan de Christenen uit de heidenen,dus ook aan ons,dat we niet langer slaven zijn,maar aangenomen kinderen.(o.a.Romeinen 8)

En juist die vrijheid nemen we vaak niet aan.

We zijn geen slaven van de wet meer die op stenen tafelen door Mozes aan Israël gegeven is,maar vrijgekocht van het juk van de wet,door het bloed van Jezus,die ons Genade en Waarheid gebracht heeft.(Johannes 1:17)

Stel je dus eens voor,Mozes,een dienaar,kwam ons een brief brengen,Jezus kwam Zelf als De Boodschap.

De Blijde Boodschap.

Een boodschap van redding en heil door geloof alleen!

De rechter moest er aan te pas komen.

Er moest zelfs Iemand in mijn plaats gedood worden,zo vuil en beschamend was mijn naam:”Zondaar”

Doordat er bloed gevloeid heeft kreeg ik een andere naam:”Kind”

We zijn Kinderen!

Erfgenamen van een nieuw en beter verbond.

Het verbond waarin de Geest Zijn wetten in ons hart schrijft.

Niet meer de wetten op de stenen tafelen,maar de wet van de Liefde,welke Jezus In ons vervuld.

Sjonge,wat ben ik trots op Zijn naam.

Ik ben de gerechtigheid God in Christus Jezus!

(2 Korinthiërs 5:21)