Onbetaalbaar voor niks.

Het kan je benauwen of verheugen dat voor de Heer onze God niets verborgen is.
Persoonlijk ben ik er erg blij om omdat daarin tevens Gods Genade zo zichtbaar wordt.

Dat Genade niet vanzelfsprekend is bewijst de volgende geschiedenis.

Het overspel van David met Bathseba is een bekend verhaal.
Uit angst dat zijn zonde aan het licht kwam liet koning David Uria, de man van Bathseba zelfs doden!

Stel dat deze opstapeling van zonde verborgen was gebleven, dan had David daar zelf voor moeten boeten.
Maar gelukkig; God kon dit niet over zijn kant laten gaan.
In het Paradijs had Hij al beloofd de zonde de nek om te draaien dus toen David zijn zonde onder het spreekwoordelijke kleed veegde, gedacht God aan Zijn verbond met de mens.
Hij was het aan Zichzelf verplicht David op het matje te roepen, niet om David de nek om te draaien, maar een voorproefje te laten zien van zijn belofte Satan de kop te vermorzelen.

Stel je voor dat je net als Nathan van de Heer de opdracht krijgt de koning op zijn zonde te wijzen.
De Here God geeft je als het ware een bezem om het verstopte vuil vanonder het tapijt tevoorschijn te vegen.
Dat gebeurd ook in het paleis van koning David.

Dan sta je als de machtigste man van het volk behoorlijk in je hemd!
Niet letterlijk, zoals toen hij zonder schaamte dansend van vreugde voor de ark van het verbond uit ging.
Net zomin letterlijk als toen David zijn koninklijke mantel in de hoek gooide en zich schaamteloos overgaf aan zijn wellust voor de vrouw van een ander.

Wat zal David zich naakt gevoeld hebben toen Nathan’s beschuldigende vinger naar hém wees; ‘gij zijt die man!’

Maar oh, wat begint hier Gods genade al te schitteren.

Paulus schrijft vele jaren later:

‘Waar de zonde meerder geworden is, daar is de genade veel meer overvloedig geweest;’
‭‭ROMEINEN‬ ‭5:20‬ b. SV-RJ‬‬
https://www.bible.com/165/rom.5.20

Genade is geen bezem waarmee het vuil onder het kleed geveegd wordt, genade is juist het tegenovergestelde.
De bezem moet erdoor!
Waar zonde geen zonde meer genoemd wordt, hollen we ook de genade uit.
Genade betekent niet zand erover.
Genade eist bloed.

Dat zien we ook bij David.
Wanneer hij zijn zonde belijdt kantelt de geschiedenis zoals die al in Jezus kruisdood voorzegd was.

We lezen:

‘Toen zei David tegen Nathan: Ik heb gezondigd tegen de HEERE. En Nathan zei tegen David: De HEERE heeft ook uw zonde weggenomen; u zult niet sterven.’
‭‭2 Samuel‬ ‭12:13‬ ‭HSV‬‬
https://www.bible.com/1990/2sa.12.13

Wat een genade; God was niet uit op de dood van Zijn vriend David, God was uit op de dood van Zijn eigen eniggeboren Zoon; Jezus.
Hij stierf als de beloofde Messias uit het geslacht van David de meest smadelijke dood en betaalde daarmee de prijs voor Davids zonde.
Jezus hing zelf naakt aan het kruis, om daarmee de naaktheid van zijn aartsvader David met de mantel der gerechtigheid te bedekken, koninklijker dan elk hermelijnen gewaad van welke vorst ook.

Genade is niet goedkoop!
Genade is als een kostbaar geslepen diamant.
In het donker is het een gewoon stukje glas, maar pas wanneer het licht van de zon haar spel met de facetten speelt, beneemt de schittering je de adem.
Zo is het ook met de zonde.
Wanneer zonde niet in het licht wordt gezet, blijft de schittering van Genade verborgen en blijven we zelf in het donker dolen.
Zonde van haar betekenis ontdoen, ontdoet ook Genade van haar betekenis.

Zonde is je doel missen, voorbij gaan aan de liefde van Jezus.
Wanneer zonde geen zonde meer is, beroven we onszelf van het mysterie van de Goddelijke Genade, en wordt Genade een holle klank.
God zelf nam de zonde zo serieus dat het Iemand de dood moest kosten, Zijn eigen Zoon.

Genade betekent ook dat God ieder mens zelf de keus laat.
Gelukkig koos David voor Genade om niet.
Zijn zonde op Jezus;
Jezus gerechtigheid op David.

Mijn zonde op Jezus;
Zijn gerechtigheid op mij…

‘Houdt u ook zo van de Here Jezus?’

Gisteren fietste ik naar de stad en zei tegen de Heer dat ik aan mensen wilde vragen; ‘houdt u ook zo van Jezus?’
Eerst zat ik met een oudere vrouw aan een tafel in de Kringloop.
Ze had een hoesje om haar mobiel met zo’n boedah kop.
Bah wat een lelijkerd!
Maar wel een mooi linkje naar De Vredevorst.
De vrouw vertelde veel verdriet en pijn.
DankUHeer dat ik haar over U, de trooster en echte rust mocht vertellen.
Ik bid voor haar.

Daarna kwamen twee oudere dames aan tafel zitten.
‘Houdt u ook zo van Jezus?’
‘Ja, ik ga iedere zondag naar de kerk…’
‘Maar ik vroeg u niet of u naar de kerk gaat.’
Mooi, om een vraag te stellen die nog nooit iemand gesteld heeft; ‘houdt u ook zo van de Here Jezus?’

Daarna ging ik op het plein naast een jonge vrouw zitten.
Er voer een feest-sloep voorbij met meiden waarvan er eentje binnenkort trouwen gaat.
Mooi opstapje naar de vrouw naast me of ze ook verliefd is?
‘Nee ik ben niet verliefd’
Leuk gesprekje over Iemand die stapelverliefd op háár is; Jezus.

Daarna kwamen een moeder met dochtertje naast me zitten.
Ze kwamen uit het Oosten en waren naar Corpus geweest.
Ah…’ben je ook zo trots op de Here God die jou zo mooi gemaakt heeft?’
Grappig dat de moeder daarna tegen haar dochtertje zei; ‘misschien weet die mevrouw wel een antwoord op die vraag waarop dominee je geen antwoord geven kon?’
Meisje verteld dat ze aan dominee had gevraagd waarom Goede Vrijdag Góede Vrijdag heet, want het was toch heel erg dat de Here Jezus dood ging?
Dominee wist het ook niet…
‘nou, dan ga ik het jou vertellen, en daarna ga jij het aan dominee vertellen, zullen we dat afspreken?’

Ik vertelde haar in eenvoudige woorden wat ik zelf door de preken van Fleming Rutledge heb geleerd;
Over God de Vader die zó verlangde naar een nieuwe schepping zonder zonde, dat Hij daar zijn Zoon voor offeren moest.
Over Jezus de Zoon, hoe Hij aan het kruis een complete niets en niemand moest worden.
Over hoe Vader, net zoals Hij in Genesis uit het niets hemel en aarde schiep, nu uit het niets een nieuwe schepping schiep.
Jij en ik!
En dat het daarom Góede Vrijdag heet, omdat daar, bij het kruis het bevrijdingsfeest begint!
‘En weet je wat Hij zegt over jou?
Zeer goed gelukt
Zó blij is Hij met jou!’
Geweldig, ze was supertots op iets wat zij nu wel weet en dominee niet!
Ik zei; ‘als het nou weer Goede Vrijdag is, mag je eerst stil en eerbiedig zijn, omdat het inderdaad heel erg is dat de Here Jezus voor onze zonden gestraft moest worden.
Maar daarna mag je dansen en zingen want Goede Vrijdag is het allermooiste feest!’
Moeder klopt dochtertje blij op de knieën en zegt; ‘zijn we hier niet voor niets gaan zitten!’

Ha ha, ik mocht een jonge Evangeliste op pad sturen!

DanUJezus.

De Processierups en het Kruis.

Biologen zeggen het allang, omdat we de waarschuwingen van de natuur in de wind hebben geslagen, daarom hebben we nu een processierups plaag.
En dat is nog maar één voorbeeldje van hoe we de verkondiging en waarschuwingen van natuurminnende predikers in de wind hebben geslagen.
Het één is het gevolg van het ander, daarom; omdat we niet geluisterd hebben krabben we ons massaal de huid stuk deze zomer.
Azaron heeft alleen maar een tijdelijke verdovende werking, het probleem blijft gewoon bestaan.

Daarom en omdat zijn aanwijzende voegwoorden, ze geven een reden aan.
Deze aanwijzende voegwoorden staan ook vaak in de Bijbel.
Zou het daarom zijn, dat omdat ze ons misschien een ongemakkelijk gevoel geven we er daarom gemakkelijk overheen lezen?

In allerlei verschillende vertalingen van Romeinen 1, het hoofdstuk waarin Paulus ontucht een zonde tegen het eigen vlees noemt, staat ook een paar keer, omdat en daarom.
Lees het maar eens na,
In de HSV staat:

Daarom ook heeft God hen in de begeerten van hun hart overgegeven aan de onreinheid om hun lichamen onder elkaar te onteren.’
‭‭Romeinen‬ ‭1:24‬ ‭HSV‬‬
https://www.bible.com/1990/rom.1.24.hsv

Daarom heeft God hen overgegeven aan schandelijke hartstochten, want ook hun vrouwen hebben de natuurlijke omgang vervangen door de tegennatuurlijke.’
‭‭Romeinen‬ ‭1:26‬ ‭HSV‬‬
https://www.bible.com/1990/rom.1.26.hsv

‭‭En omdat het hun niet goeddacht God te erkennen, heeft God hen overgegeven aan verwerpelijk denken, om dingen te doen die niet passen.’
‭‭Romeinen‬ ‭1:28‬ ‭HSV‬‬Q
https://www.bible.com/1990/rom.1.28.hsv

Wat zegt Gods woord ons in Romeinen 1?
Omdat de mens Gods liefde veronachtzaamd heeft, daarom heeft God mannen en vrouwen tegen elkaar in liefde doen ontbranden.
Omdat God niet de eer krijgt die Hem toekomt, daarom heeft God de mens overgegeven aan de zonde van tegennatuurlijke sex.

Over het algemeen weten we ons in de kerk geen raad met homofilie.
In het verleden is het zonder genade veroordeelt, vandaag wordt het zonder genade omarmd.

In beide gevallen gaat het om veronachtzaming van de genade.
Zou het komen dat omdat we de verkondiging van het kruis verschraald hebben tot een eenzijdig Evangelie van liefde voor zondaren, we daarom de volledige betekenis van wat er in en door die Liefde aan het kruis plaatsvond, niet meer kunnen of willen verdragen?
Is het daarom dat we zo wereldgelijkvormig zijn geworden?

In principe weten we ons geen raad met Genade…

Omdat onze eigen gedachten lijnrecht tegenover Gods gedachten staan, is ons zalfje van overal liefde op te smeren een tijdelijke verdoving voor de pijn van de eenzaamheid van een leven zonder volledige toewijding aan God.
Hoe nodig is het daarom dat we onze lampjes vullen met de olie van de Heilige Geest, zodat we in deze tijd van verzoeking waakzaam kunnen, durven en moeten zijn.

Denkt u, jij ook niet dat we terug moeten naar de heuvel Golgotha om daar aan de voet van het kruis eerbiedig neer te knielen?
Wanneer we gezamenlijk ootmoedig onze zonde van minachting van het offer van Jezus Christus belijden, zal God ons vergeven, omdat Hij in Zijn Zoon allang afgerekend heeft met de zonde.
Elke zonde!
Juist dan, omdat we in ootmoed de diepte van Liefde en Genade gaan begrijpen, openbaart Vader ons elk antwoord op de vraag; ‘wat moeten we doen Heer?’

Wanneer we het omdat en daarom van Gods heilzaam woord in de wind slaan zijn we niet ver verwijderd van een Pedo-processie.
Luister het nieuws daarover en open je ogen voor het zachtjes in masseren en de ogen sluiten voor de volgende zonde tegen het eigen vlees.
Lees daarnaast hoofdstuk 1 van de brief aan de Romeinen en vraag God zelf om een openbaring van de betekenis van Zijn levenbrengend woord.

Paulus zegt in vs. 25 van datzelfde hoofdstuk dat onze Schepper is te prijzen tot in eeuwigheid.
Waarom?
Daarom; omdat aan het hout van de boom op Golgotha elke processie van de zonde de pas is afgesneden en voorgoed vernietigd.
Amen!

Verzegeld.

De geschiedenis van Jezus’ doop blijft me mateloos boeien.
Luister eens wat Johannes de Doper zelf over deze gebeurtenis getuigt wanneer hij zegt:’

Ik heb aanschouwd, dat de Geest nederdaalde als een duif uit de hemel, en Hij bleef op Hem. En ik kende Hem niet, maar Hij, die mij gezonden had om te dopen met water, die had tot mij gezegd: Op wie gij de Geest ziet nederdalen en op Hem blijven, deze is het, die met de heilige Geest doopt. En ik heb gezien en getuigd, dat deze de Zoon van God is.’
‭‭Johannes‬ ‭1:32-34‬ ‭NBG51‬‬
https://www.bible.com/328/jhn.1.32-34.nbg51

Wat zal het mooi geweest zijn voor Johannes toen hij zag hoe de Heilige Geest in de gedaante van een duif op Jezus neerdaalde.
En dat niet alleen, de duif bleef op Jezus.
Dat is buitengewoon interessant, omdat een duif niet uit zich zelf op het hoofd of de schouders van een bewegend mens neer strijkt, laat staan dat de duif daar zitten blijft om te rusten.

Na de verzoeking in de woestijn, getuigt Jezus van de synagoge van Nazareth over zichzelf de vervulling van de profetie uit Jesaja 61 te zijn wanneer Hij zegt:

‘De Geest des Heren is op Mij, daarom, dat Hij Mij gezalfd heeft, om aan armen het evangelie te brengen; en Hij heeft Mij gezonden om aan gevangenen loslating te verkondigen en aan blinden het gezicht, om verbrokenen heen te zenden in vrijheid, om te verkondigen het aangename jaar des Heren.’
‭‭Lucas‬ ‭4:18-19‬ ‭NBG51‬‬
https://www.bible.com/328/luk.4.18-19.nbg51

Toen Noach vanuit de Ark een raaf uit liet vliegen kwam deze niet terug, maar bleef heen en weer vliegen over het wateroppervlak.
Raven zijn niet alleen planteneters maar ook lijkenpikkers.
Niet zo vreemd dus dat de raaf niet naar Noach terug keerde.
We lezen dat toen Noach daarna een duif uit liet deze weer terug keerde omdat deze geen plekje vinden kon waar het rusten kon.

Hoe bijzonder dus dat de duif op Jezus rusten bleef.
Een duif blijft pas zitten wanneer dat waar het rust, zelf rust is.
Later zegt Jezus van zich zelf:

‘De vossen hebben holen en de vogelen des hemels nesten, maar de Zoon des mensen heeft geen plaats om het hoofd neer te leggen.’
‭‭Lucas‬ ‭9:58‬ ‭NBG51‬‬

Alhoewel de Geest dus op Jezus rustte had Hij zelf geen plek om te rusten.
Liefde tot zondige mensen dreef Hem voort, heilige verontwaardiging over de leugen waarin Satan de mens gevangen hield nagelde Hem uiteindelijk aan het kruis.

In het Johannesevangelie staat van Jezus’ dood

En Hij boog het hoofd en gaf de geest.’
‭‭Johannes‬ ‭19:30‬ ‭NBG51‬‬
https://www.bible.com/328/jhn.19.30.nbg51

Bij een mens is het precies andersom, die sterft eerst en pas dan valt het hoofd op de borst.
Wanneer Jezus sterft, buigt Hij niet Zijn hoofd voor de dood, maar ín de dood.
Jezus buigt eerst Zijn hoofd en geeft daarna de geest om om daarmee Zijn geest, de geest”, de ziel en het leven van Zijn volk in de genadehanden van Zijn Vader te leggen.
Dit was waarom Hij kwam, lijden en sterven om zondaren te bevrijden uit de klauwen van Satan.
Toen zijn taak erop zat kon Hij met recht uitroepen: ‘ het is volbracht.’
Pas nu had Hij rust en kon Hij Zijn hoofd neerleggen en legde ons mee te rusten in de schoot van een eeuwig ontfermende Vader.

Mooi hè?
De Heilige Geest is door Vader uitgelaten en zoekt naar een plek waar Hij rust vinden kan, in u, jou en mij!
Wanneer we wederom geboren worden hebben we deze Geest ontvangen, en mogen we het Jezus nazeggen:

‘ De Geest des Heren is op Mij, daarom, dat Hij Mij gezalfd heeft, om aan armen het evangelie te brengen; en Hij heeft Mij gezonden om aan gevangenen loslating te verkondigen en aan blinden het gezicht, om verbrokenen heen te zenden in vrijheid, om te verkondigen het aangename jaar des Heren.’

Dat is toch geweldig?
Stel je eens voor dat een duif op zoek naar rust in de palm van je hand neerstrijkt.
Om het duifje in je handen te kunnen koesteren is het erg belangrijk geen onverwachtse wilde bewegingen te maken, maar zo rustig mogelijk te blijven, zodat het niet meteen weer weg vliegt.

Zo is het ook met de Heilige Geest.
Om in ons het werk van Jezus te volbrengen is het nodig rust te vinden in het offer van Jezus Christus.
Pas vanuit die rust ín Hem zullen we in staat zijn tot de werken waarvoor Hij ons roept:

‘Gaat heen in de gehele wereld, verkondigt het evangelie aan de ganse schepping. Wie gelooft en zich laat dopen, zal behouden worden, maar wie niet gelooft, zal veroordeeld worden. Als tekenen zullen deze dingen de gelovigen volgen: in mijn naam zullen zij boze geesten uitdrijven, in nieuwe tongen zullen zij spreken, slangen zullen zij opnemen, en zelfs indien zij iets dodelijks drinken, zal het hun geen schade doen; op zieken zullen zij de handen leggen en zij zullen genezen worden.’
‭‭Marcus‬ ‭16:15-18‬ ‭NBG51‬‬
https://www.bible.com/328/mrk.16.15-18.nbg51

Paulus waarschuwt ons dat we de Heilige Geest ook bedroeven kunnen

‘En bedroeft de heilige Geest Gods niet, door wie gij verzegeld zijt tegen de dag der verlossing.’
‭‭Efeziërs‬ ‭4:30‬ ‭NBG51‬‬
https://www.bible.com/328/eph.4.30.nbg51

Ik ben bang dat we als kerk allang niet meer in de gaten hebben hoe we de Heilige Geest bedroeft hebben.
Door de Heilige Geest verzegelt, zijn we krachteloos geworden als gevolg van het aanbidden van de geest van de wereld, de tijdgeest van het ik-gerichte denken.
We hebben het te druk met van alles en nog wat, maar vergeten waartoe we tot de dag van Jezus komst verzegelt zijn.
Terwijl we ons in de kerk afvragen hoe we de mensen binnen kunnen houden, staat Jezus aan de buitendeur te kloppen om asjeblieft binnen gelaten te worden.

De Heilige Geest roept op tot bekering van onze dode werken, en ons in Jezus op de vrede en gerechtigheid van het Koninkrijk Gods te richten.
Daarna zullen ons alle andere dingen toegeworpen worden.
Wat zal dat een zegen voor ons zelf en daarna voor de wereld om ons heen zijn.
Net als Jezus op aarde rond te wandelen, om…vul alle profetieën over Hem maar in, want in Hem gelden ze ook voor u en mij!

Verlangt u, verlang jij daar ook zo naar?
Ikke wel, ik snak naar het openbaar worden van Zijn opstandingskracht in ons, de kinderen Gods, zodat de wereld gaat zien wie Jezus is!
Het gaat alleen om Hem, om niemand en niets anders!

Babyshower en Kraamfeest.

In de tijd dat ik zelf moeder werd, lag je tien dagen in de kraam, tenminste zo noemde men dat op Urk.
Als kraamvrouw werd van je geacht deze dagen vooral lekker in bed te blijven en je door de kraamverpleegster te laten verzorgen en verwennen.
Alsof je ook letterlijk in een kraam tentoongesteld lag, was het een zoete inval van feliciterende en cadeautjes meebrengende familie, vrienden en bekenden.
Je had een goeie kraamverzorgster wanneer ze de meegebrachte biefstukjes perfect bereiden kon en bij vertrek het huis schoonblinkend achterliet.

Een kraamfeest of babyshower bestond helemaal nog niet!
Google trouwens ook niet, waarschijnlijk kwam ik daardoor wel niet op het idee…
Type nu maar eens kraamfeest of babyshower in, en de pagina’s met aanbevelingen zijn niet te tellen.
Zelfs de bladen staan vol met oneindig veel tips voor het meest spetterende feest(spetterender dan dat van je buurvrouw), het perfecte cadeau (duurder dan dat van de andere genodigden) en de meest kostbare uitnodigingskaartjes (spectaculairder bezorgd dan dat van het feestje van je schoonzus)
Verder is de locatie natuurlijk van groot belang, hoe chiquer en groter, hoe beter je voor de dag komt.
En ook niet onbelangrijk; wie nodig je uit?

Nee vroeger wisten we daar niet van, dat is echt iets hips van de laatste tijd.
Alhoewel…
Ik las vanmorgen een verhaal over een opmerkelijke kraamfeest tweeduizend jaar geleden!

Hoe luxe en extravagant een kraamfeest tegenwoordig zijn kan, het kraamfeest van toen is vanaf de uitnodiging tot de ontmoeting met de pasgeboren baby niet te overtreffen.
Tot in het kleinste detail perfect gepland en uitgevoerd, precies zoals de Vader van het kind dat bedacht had.

De invitatie tot het kraamfeest was fenomenaal!
Aan de hemel stond plotseling een ster, schitterender dan alle andere.
Deze ster werd opgemerkt door een aantal wijze mannen, die meteen al door hadden dat het een uitnodigingskaart tot een wel heel speciaal feest moest zijn.
Na zorgvuldig onderzoek kwamen ze tot de ontdekking dat deze ster de geboorte van een bijzonder kind betekende, een koninklijk kind zelfs; de koning der Joden!

We kennen allemaal het verhaal; de wijzen uit het Oosten.
Kosten nog moeite werden gespaard, ze hadden een uitnodiging ontvangen en gingen op weg!
Zonder zich af te vragen of dit kind werkelijk zo bijzonder was, reisden ze duizenden kilometers om het kraamfeestje van dit voor hen onbekende kind bij te wonen.
Niemand vroeg; ‘bewijs eerst maar eens dat dit kind echt de Koning der Joden is, daarna gaan we bedenken of we er wat mee moeten of willen.’
Geen van hen zei: ‘laat hij ons eerst maar eens een teken geven pas dan geloof ik het…’

Deze welgestelde mannen schaamden zich niet hun peperdure mantels op te tillen om zich op blote knieën neer te buigen voor een weerloze baby.
Stel je dat eens voor, hooggeplaatste rijken der aarde die zich in het stof van die aarde neer laten vallen voor een kwetsbare baby!
Een teer kindje dat nog niets anders deed dan zijn luier vol poepen en wiens hongerig mondje alleen nog maar bezig was met zoeken naar de borst van zijn moeder Maria.
Terwijl ze hun kostbare geschenken, goud, mirre en wierook aan de voeten van dit kind neerlegden, zullen hen waarschijnlijk de tranen van ontroering over de wangen hebben gelopen.

Dit kostbare kind, de Koning der Joden, Jezus de Messias, de Zoon van God, vallen ook wij in eerbied voor hem neer?
Of doen we net als de kerk van toen en blijven we in Jeruzalem omdat we het daar al prima voor elkaar hebben?
Durven we net als de wijzen dat deden uit onze comfortzone te stappen?

Welke geschenken leggen wij aan zijn voeten?
Of vragen we hem eerst om een teken, een bewijs dat hij het is?

Heeft hij in zijn smadelijke kruisdood zijn liefde dan nog niet genoeg bewezen?
Is zijn goddelijke majesteit dan nog niet genoeg bekrachtigd door zijn opstandig uit dood en graf?
Welk teken moet hij ons nog meer geven?
Welk wonder wil jij nog van hem zien?

Deze koning, geslacht als het Lam der Wereld, wat heb ik hem te bieden dan alleen mijn hart?
Daarmee geef ik hem alles wat zijn hartje begeert…

Psalm 88 (Een klaagzang)

Zondag 14 juli jongstleden luisterde ik een preek van mijn vorige voorganger Robert Roth.
Het onderwerp van de preek was Psalm 88, een klaagzang.

Het onderwerp raakte mij diep, vandaar dat ik me voornam een blog over klagen te gaan schrijven.
Nu is het meestal zo dat wanneer er in mijn brein een idee voor een verhaal begint te borrelen, er dat dezelfde dag uit moet.
Dat lukt ook altijd wel, het zit vanbinnen en komt als vanzelf naar buiten.
Alleen, bij dit blog lukte het maar niet.
Het zat er vanbinnen wel, maar het kwam er niet uit.
Ook niet na nog een keer naar de preek over psalm 88 te luisteren.

Ik heb verschillende opzetjes gemaakt, die stuk voor stuk in de prullenbak belanden.
Dan moet ik mezelf dus de vraag gaan stellen waarom het me bij andere blogs gemakkelijk afgaat, en waarom er nu niets op papier komt.

Ik zou natuurlijk de preek van Robert letterlijk kunnen gaan citeren, maar dan is het niet mijn blog.
En ik vind het ook fijner te schrijven als reactie op de preek.
Wat doet die psalm met mij?

‘Ik weet het niet meer Heer, wat moet ik doen?’
Kijk, daar begint mijn klacht…

Waarom dan die moeite om wat ik erbij voel op papier te zetten?
Ik ontdekte dat de klacht teveel bedekt was met allerlei andere smurry.
Een blog over klagen kan namelijk gemakkelijk over een ander gaan.
Ik kan een heel mooi betoog houden over waarom u of jij van God klagen mag, de Bijbel staat nl. vol klaagzangen.
Er is zelfs een heel Bijbelboek aan gewijd; de Klaagliederen van Jeremia.
Je mag dus van God jeremièren…

En daar zit dan meteen mijn eigen blokkade bij het schrijven over klagen, durf ik toegeven dat ik niet durf klagen en durf ik te kijken naar het waarom daarvan?
Het voelt nl. niet goed het over de derde persoon te hebben.
Met andere woorden; Jij mag van God jeremièren (van mij)
maar mag ik ook van mezelf jeremièren?
Eigen ik me de toestemming van God toe dat ik klagen mag?
Sta ik het mezelf toe te klagen?
Niet alleen wanneer ik met de deuren en gordijnen dicht met niemand erbij mijn ogen uit mijn kop jank, maar ook waar anderen bij zijn?
Mag God mij dan zien?
Mogen anderen me zien wanneer ik er totaal doorheen zit?
Die vraag is erg confronterend en haar beantwoorden al net zo.

Nee, dat mag niet van mezelf, en daarom is erover schrijven zo moeilijk.
Want míjn blog is míjn verhaal en dat moet het ook zijn!
Maar tussen alle vrolijkheid en Halelujah Prijs de Heer ineens vertellen dat er diep van binnen een klein meisje huilt (en dat dag en nacht maar blijft doen) is wel heel erg kwetsbaar toch?
En dat is eng…

Door heel veel afwijzing van mijn klacht ben ik voortdurend bang om weer door anderen afgewezen te worden.
De gevolgen van die afwijzing draag ik dag aan dag met me mee.
Maar deze angst is maar zo mijn eigen excuus geworden voor afwijzing van mezelf waardoor ik zelf meedraai in het molentje van oordeel, schaamte en schuld.
Want ten diepste is afwijzing oordeel.
Afwijzing door anderen is oordeel, jezelf afwijzen is zelfoordeel.
Oordeel leidt tot negeren en in de Bijbel betekent negeren vervloeken.

Dat is nogal wat.
Ik wijs mijn eigen klacht af, dus vervloek ik mij zelf in mijn klacht te vervloeken.
Wat nog ingrijpender is, ik verwacht ook van God dat Hij mij afwijst, want, denk ik, ‘ik ben zijn kind dus moet ik nu blij zijn.’
Hij zorgt immers voor mij, dus waarom zou ik bezorgd zijn?
Maar ondertussen staat me wel het water aan de lippen…

Ik heb iemand eens horen preken over ‘ the root cause of Your problem is condemnation ‘
Oordeel is de wortel van al je problemen.
Dan is oordeel ook de wortel van je problemen niet durven erkenen.

We leven in een maatschappij waarin amper tijd is voor elkaar, laat staan voor jezelf.
Niemand durft nog kwetsbaar zijn, omdat dan je kop eraf gehakt wordt.
Maar in de kerk moet het anders, omdat Christus zelf zegt;’Gij geheel anders’
Wanneer we in de kerk niet meer durven of kunnen klagen zal daarom eerst het probleem ‘oordeel’ aangepakt moeten worden.
Het begint bij in de schuldvrije ruimte mezelf-onszelf niet meer oordelen.
Pas daarna is het veilig genoeg om kwetsbaar te zijn naar God en naar mezelf.

Klagen is bidden zegt ds. Robert Roth.
En dat is waar.
Christus is namelijk de grond onder elke klacht.
Dan hoef ik dus geen enkele reden aan te dragen waarom ik niet of juist wel klagen mag.
Christus zelf is de reden van mijn klacht.

Psalm 88
Een lied, een psalm.
Here, God van mijn heil, ik roep u dag en nacht.
Zie mij staan
Hoor naar mijn roepen.
De ene na de andere ramp overspoelt mij.

Net als de doden heb ik totaal geen rechten meer Heer.
Mijn enige recht lijkt nog het graf.

U hebt mij in een diepe kuil laten zakken,
Het is hier stikdonker.
Ik ben vreselijk alleen,
al mijn vrienden hebben me laten vallen.
Ze bespugen en bespotten mij.

Wat denkt U,
Dat er in dit graf iemand naar me luisteren zal?
Er is hier toch niemand?
Welk nut heeft mijn spreken dan nog?
Ieder woord ketst af en komt als een pijl naar mezelf terug.

Waarom Heer?
Ben u mij vergeten?
Bent u uit op mijn ondergang?
Ik verdrink in deze radeloosheid!

Kom mij redden God,
Ik heb alleen nog u…
Kom mij redden God,
Ik heb alleen nog u…

wil je de preek van Ds.Robert Roth ook luisteren?

Dat kan via de app ‘kerkdienst gemist’
14 juli 2019
Kristalkerk
Hengelo

Een gat in de lucht

Liggend op mijn rug in de met wilde bloemen bedekte dijk aan het IJsselmeer geniet ik van alle geuren en kleuren waarmee de natuur me omringd.
Het pas gemaaide gras kriebelt vriendelijk mijn rug en benen en lijkt daar oprecht plezier in te hebben.
Aan mijn voeten bloeit uitbundig
een dikke bos felgele Paardebloemen, terwijl mijn hoofd wordt omkranst door lieflijk geurende Madeliefjes.
Met mijn ogen volg ik het zachte zoemen van een ijverige bij en pluk ondertussen één van zijn favoriete bloemen, de rode Klaver.
Net als het vliegend wollige bolletje zwart-geel en bruin zuig ik voorzichtig het zoet uit de blaadjes van dit prachtig bloeiende suikerbloempje.
Wanneer ik mijn ogen tot spleetjes knijp worden de wuivend witte Klaverbloemen vrolijk huppelende schaapjes temidden van de kleurige uitbundigheid van alles wat op de dijk groeit en bloeit.
Mijmerend over Jezus en zijn lang voorzegd komen op de wolken tuur ik de hemel af, hopend op een teken van zijn komst.
De wonderlijke kleurschakering van de hemel, het spel van de voortdurend van vorm veranderende wolken en het goud van de daar tussendoor piepende zonnestralen neemt me mee in een onvoorstelbaar mooi visioen.

Opeens ben ik in de hemel.
Het is net het moment van het dagelijks ritueel; (voor zover je in de eeuwigheid nog van tijd spreken kunt) het spelletje met het smoelenboek.
Vader God bladert samen met zijn zoon Jezus door het boek.
De engelen spelen het spel mee en giechelen van opwinding over wat er komen gaat.
Vader en Zoon laten de spanning behoorlijk oplopen doordat ze blijkbaar maar niet kunnen kiezen welke foto vandaag aan de beurt is.
Dan eindelijk houdt Vader het boek omhoog en toont de engelen één van de foto’s.
Eer ik me overbuig om de foto ook te kunnen zien klapt Vader, schaterend van het lachen om mijn beduusde blik resoluut het boek dicht.
Nu is het de beurt van de engelen de spanning hoog op te drijven door net te doen alsof ze de naam van dit favoriete kind allang vergeten zijn.
Uren lang overleggen ze geheimzinnig fluisterend wat ze antwoorden zullen, totdat ze eindelijk aan Vader om een hint vragen.
‘zullen we het doen Jezus, geven we ze een hint?’
‘nou vooruit, voor deze ene keer, maar dat is dan wel meteen de laatste keer hoor!’
Daarop noemt Vader het aantal haren van degene waarvan de naam geraden moet worden.
Eindelijk, na weer urenlang gedebeleer zijn de engelen eruit.
Het noemen van de naam doet Vader juichen van uitbundige vreugde.
Hij danst, zingt en joelt van pure blijdschap.
Met Jezus voorop bereiden de duizenden engelen zich voor om met die naam op de lippen in reidans en zang langs het luchtruim te gaan.
Plotseling gebaart Vader stilte en vraagt mij of ik het ook goed gehoord heb?
‘Nou, om eerlijk te zijn niet Here God’ zeg ik bedremmeld.
‘noem de naam nog een keer’ zegt Vader waarop uit duizenden kelen mijn eigen naam gescandeerd wordt.
Ik heb geen tijd me te verbazen want Vader lijkt het wel voor de eerste keer te horen.
Nog blijer dan daarvóór springt hij met een luide knal een enorm gat in de lucht waardoor ik weer in het gras van de dijk neer duikel.

Beduusd over alles wat ik gehoord en gezien heb moet ik even bijkomen van dit hemelse ommetje.
Heb ik dit nou echt meegemaakt of droomde ik?
Opeens voel ik een zacht ruisende windvlaag vanwaar uit een mysterieus gegiechel mijn naam gelispelt wordt.
Ik weet het zeker, het zijn de engelen in hun reidans rond het hoge hemelruim!
Met vernieuwde ogen staar ik naar de zonnestralen tussen de gaten in de wolken en begrijp ineens de soms onverklaarbare knallen in de lucht.

Ze kunnen me wat met hun uitleg over een vliegtuig dat door de geluidsbarrière knalt, vanaf nu weet ik beter!!