Zegt het voort!

Vorige week sprak een jonge man me aan n.a.v. mijn tatoeage.
Ik vind het bijzonder leuk dat ik daardoor de kans krijg tot een gesprek over mijn God en Vader en zijn Zoon, Jezus Christus.
Iemand stelt een vraag, en ik mag het antwoord geven.

Ik vertelde hem de betekenis van mijn tatoo:’ De Heer is mijn Herder’ en dat Jezus mijn allerbeste vriendje is.
‘He is the best!’
Ik vroeg Anouar of hij Jezus kende wat niet het geval was.
‘Zou je iets over Hem willen weten?’ vroeg ik.
Ja, dat wilde hij wel!
We maakte een afspraak, en wat ik vermoedde bleek ook zo te zijn, Anouar is moslim.
Ik wilde daarom eerst van hem weten wat dat voor hem betekent.
Vaak geeft deze vraag aan de ander stellen veel openheid.
Bovendien hoor je in het luisteren naar de ander handvatten om zelf daarna op in te gaan.
Zo ook deze keer: Anouar vertelde dat hij zijn best doet een goed moslim te zijn, maar ja, hij maakt natuurlijk ook fouten…
(Hmmm, waar hoorde ik dat eerder?)

Wat voel ik me dan bevoorrecht om Anouar te vertellen dat zonde voor Jezus geen issue meer is.
We hadden een bijzonder leuk gesprek.

Ik vroeg hem of hij christenvrienden heeft, en ja, die heeft hij, en of zij het wel eens met hem over Jezus hebben.
Nee, dat niet, maar ze hebben respect voor elkaars geloof.
Des te langer dat nagalmt, des te meer begint mijn heilig bloed te koken.
Respect voor elkaars mening, respect voor elkaars geloof, wat houdt dat in dan?

Stel ik ben met nog honderden mensen in een hoog appartementengebouw waar brand uitbreekt.
In tegenstelling van wat normaliter iedereen doet, hoor ik van één van de brandweermannen dat ik niet naar beneden, maar naar boven rennen moet.
Hij draagt me met klem op de anderen te waarschuwen en desnoods te dwingen de tegenovergestelde weg te nemen.
Ik haast me daarom naar het trappenhuis, waar alle anderen in blinde paniek de trap naar beneden willen nemen.
‘ Ach, iedereen heeft een mening, daar moet ik respect voor hebben’ denk ik, waarna ik zelf de trap naar boven neem.’

Onzin natuurlijk, ik ben het aan de anderen verplicht hun de waarschuwing van de brandweer te vertellen en ze de juiste weg naar redding te wijzen.
Wanneer ik dat niet doe, zal ik later medeverantwoordelijk gehouden worden voor de vele doden die ik willens en wetens de weg naar boven onthouden heb.

Toch is dat wat we als christenen heel normaal vinden, respectvol zelfs.
Maar ik heb moeite met dat soort respect.
Respect voor de ander betekent toch ook dat ik het niet verdragen kan dat diegene verloren gaat?
Uit respect wijs ik hem er dan toch op dat de trap naar beneden de dood betekent?

Of moet ik respect hebben voor de leugens van de afgoden?
Kan ik als christen gewoon toekijken hoe bv. Anouar zich rot rent in de ratrace van schuld, schaamte, je best doen, weer de fout ingaan, enz. enz.
Nee, ik kan dat niet, dus heb ik uit respect voor Anouar gewoon ronduit gezegd dat al doet hij nog zo zijn best, hij er nooit komen zal.

Maar vooral uit respect voor mijn Jezus.
Ik ben namelijk zó ontzettend trots op Hem, en daarom wil ik Hem graag delen met anderen.

Toch nog even over dat de ander zijn mening of geloof respecteren.
Is het niet gewoon onmacht, schaamte en gène wat ons weerhoudt te getuigen van Jezus onze Heer?
Wanneer we daar eerlijk over durven zijn kom je er achter dat ook dat voor Jezus geen probleem hoeft te zijn.
Hij belooft ons zelf dat we niet bang hoeven te zijn, omdat Hij ons immers de Heilige Geest gegeven heeft?

Wellicht zit onze belemmering ook in precies hetzelfde wat Anouar zegt; ‘ik maak natuurlijk nog wel fouten, al doe ik nog zo mijn best.’
Als christen rennen we zelf nog zo vaak het rondje in de ratrace.
Wanneer we ons volkomen verlost weten, precies dat waarom Jezus; ‘het is volbracht’ riep, ontkracht dat meteen ons eigen bedachte excuses.
Juist het leven in de vrijheid van de schuldvrije ruimte, zet ons aan met vreugde te getuigen van onze Verlosser en Heer.

Jezus is tevens behoorlijk radicaal wanneer Hij zegt:

‘Want wie zich voor Mij en Mijn woorden geschaamd zal hebben, voor hem zal de Zoon des mensen Zich schamen, wanneer Hij zal komen in Zijn heerlijkheid en in die van de Vader en in die van de heilige engelen.’
‭‭Lukas‬ ‭9:26‬ ‭HSV‬‬
https://www.bible.com/1990/luk.9.26.hsv

Maar zeg nou zelf, waarom zouden we ons schamen voor een Vader, die er alles aan gedaan heeft ons de meest fantastische bruidegom voor te stellen?

As I already said, He is the best!

‘Houdt u ook zo van de Here Jezus?’

Gisteren fietste ik naar de stad en zei tegen de Heer dat ik aan mensen wilde vragen; ‘houdt u ook zo van Jezus?’
Eerst zat ik met een oudere vrouw aan een tafel in de Kringloop.
Ze had een hoesje om haar mobiel met zo’n boedah kop.
Bah wat een lelijkerd!
Maar wel een mooi linkje naar De Vredevorst.
De vrouw vertelde veel verdriet en pijn.
DankUHeer dat ik haar over U, de trooster en echte rust mocht vertellen.
Ik bid voor haar.

Daarna kwamen twee oudere dames aan tafel zitten.
‘Houdt u ook zo van Jezus?’
‘Ja, ik ga iedere zondag naar de kerk…’
‘Maar ik vroeg u niet of u naar de kerk gaat.’
Mooi, om een vraag te stellen die nog nooit iemand gesteld heeft; ‘houdt u ook zo van de Here Jezus?’

Daarna ging ik op het plein naast een jonge vrouw zitten.
Er voer een feest-sloep voorbij met meiden waarvan er eentje binnenkort trouwen gaat.
Mooi opstapje naar de vrouw naast me of ze ook verliefd is?
‘Nee ik ben niet verliefd’
Leuk gesprekje over Iemand die stapelverliefd op háár is; Jezus.

Daarna kwamen een moeder met dochtertje naast me zitten.
Ze kwamen uit het Oosten en waren naar Corpus geweest.
Ah…’ben je ook zo trots op de Here God die jou zo mooi gemaakt heeft?’
Grappig dat de moeder daarna tegen haar dochtertje zei; ‘misschien weet die mevrouw wel een antwoord op die vraag waarop dominee je geen antwoord geven kon?’
Meisje verteld dat ze aan dominee had gevraagd waarom Goede Vrijdag Góede Vrijdag heet, want het was toch heel erg dat de Here Jezus dood ging?
Dominee wist het ook niet…
‘nou, dan ga ik het jou vertellen, en daarna ga jij het aan dominee vertellen, zullen we dat afspreken?’

Ik vertelde haar in eenvoudige woorden wat ik zelf door de preken van Fleming Rutledge heb geleerd;
Over God de Vader die zó verlangde naar een nieuwe schepping zonder zonde, dat Hij daar zijn Zoon voor offeren moest.
Over Jezus de Zoon, hoe Hij aan het kruis een complete niets en niemand moest worden.
Over hoe Vader, net zoals Hij in Genesis uit het niets hemel en aarde schiep, nu uit het niets een nieuwe schepping schiep.
Jij en ik!
En dat het daarom Góede Vrijdag heet, omdat daar, bij het kruis het bevrijdingsfeest begint!
‘En weet je wat Hij zegt over jou?
Zeer goed gelukt
Zó blij is Hij met jou!’
Geweldig, ze was supertots op iets wat zij nu wel weet en dominee niet!
Ik zei; ‘als het nou weer Goede Vrijdag is, mag je eerst stil en eerbiedig zijn, omdat het inderdaad heel erg is dat de Here Jezus voor onze zonden gestraft moest worden.
Maar daarna mag je dansen en zingen want Goede Vrijdag is het allermooiste feest!’
Moeder klopt dochtertje blij op de knieën en zegt; ‘zijn we hier niet voor niets gaan zitten!’

Ha ha, ik mocht een jonge Evangeliste op pad sturen!

DanUJezus.

Verzegeld.

De geschiedenis van Jezus’ doop blijft me mateloos boeien.
Luister eens wat Johannes de Doper zelf over deze gebeurtenis getuigt wanneer hij zegt:’

Ik heb aanschouwd, dat de Geest nederdaalde als een duif uit de hemel, en Hij bleef op Hem. En ik kende Hem niet, maar Hij, die mij gezonden had om te dopen met water, die had tot mij gezegd: Op wie gij de Geest ziet nederdalen en op Hem blijven, deze is het, die met de heilige Geest doopt. En ik heb gezien en getuigd, dat deze de Zoon van God is.’
‭‭Johannes‬ ‭1:32-34‬ ‭NBG51‬‬
https://www.bible.com/328/jhn.1.32-34.nbg51

Wat zal het mooi geweest zijn voor Johannes toen hij zag hoe de Heilige Geest in de gedaante van een duif op Jezus neerdaalde.
En dat niet alleen, de duif bleef op Jezus.
Dat is buitengewoon interessant, omdat een duif niet uit zich zelf op het hoofd of de schouders van een bewegend mens neer strijkt, laat staan dat de duif daar zitten blijft om te rusten.

Na de verzoeking in de woestijn, getuigt Jezus van de synagoge van Nazareth over zichzelf de vervulling van de profetie uit Jesaja 61 te zijn wanneer Hij zegt:

‘De Geest des Heren is op Mij, daarom, dat Hij Mij gezalfd heeft, om aan armen het evangelie te brengen; en Hij heeft Mij gezonden om aan gevangenen loslating te verkondigen en aan blinden het gezicht, om verbrokenen heen te zenden in vrijheid, om te verkondigen het aangename jaar des Heren.’
‭‭Lucas‬ ‭4:18-19‬ ‭NBG51‬‬
https://www.bible.com/328/luk.4.18-19.nbg51

Toen Noach vanuit de Ark een raaf uit liet vliegen kwam deze niet terug, maar bleef heen en weer vliegen over het wateroppervlak.
Raven zijn niet alleen planteneters maar ook lijkenpikkers.
Niet zo vreemd dus dat de raaf niet naar Noach terug keerde.
We lezen dat toen Noach daarna een duif uit liet deze weer terug keerde omdat deze geen plekje vinden kon waar het rusten kon.

Hoe bijzonder dus dat de duif op Jezus rusten bleef.
Een duif blijft pas zitten wanneer dat waar het rust, zelf rust is.
Later zegt Jezus van zich zelf:

‘De vossen hebben holen en de vogelen des hemels nesten, maar de Zoon des mensen heeft geen plaats om het hoofd neer te leggen.’
‭‭Lucas‬ ‭9:58‬ ‭NBG51‬‬

Alhoewel de Geest dus op Jezus rustte had Hij zelf geen plek om te rusten.
Liefde tot zondige mensen dreef Hem voort, heilige verontwaardiging over de leugen waarin Satan de mens gevangen hield nagelde Hem uiteindelijk aan het kruis.

In het Johannesevangelie staat van Jezus’ dood

En Hij boog het hoofd en gaf de geest.’
‭‭Johannes‬ ‭19:30‬ ‭NBG51‬‬
https://www.bible.com/328/jhn.19.30.nbg51

Bij een mens is het precies andersom, die sterft eerst en pas dan valt het hoofd op de borst.
Wanneer Jezus sterft, buigt Hij niet Zijn hoofd voor de dood, maar ín de dood.
Jezus buigt eerst Zijn hoofd en geeft daarna de geest om om daarmee Zijn geest, de geest”, de ziel en het leven van Zijn volk in de genadehanden van Zijn Vader te leggen.
Dit was waarom Hij kwam, lijden en sterven om zondaren te bevrijden uit de klauwen van Satan.
Toen zijn taak erop zat kon Hij met recht uitroepen: ‘ het is volbracht.’
Pas nu had Hij rust en kon Hij Zijn hoofd neerleggen en legde ons mee te rusten in de schoot van een eeuwig ontfermende Vader.

Mooi hè?
De Heilige Geest is door Vader uitgelaten en zoekt naar een plek waar Hij rust vinden kan, in u, jou en mij!
Wanneer we wederom geboren worden hebben we deze Geest ontvangen, en mogen we het Jezus nazeggen:

‘ De Geest des Heren is op Mij, daarom, dat Hij Mij gezalfd heeft, om aan armen het evangelie te brengen; en Hij heeft Mij gezonden om aan gevangenen loslating te verkondigen en aan blinden het gezicht, om verbrokenen heen te zenden in vrijheid, om te verkondigen het aangename jaar des Heren.’

Dat is toch geweldig?
Stel je eens voor dat een duif op zoek naar rust in de palm van je hand neerstrijkt.
Om het duifje in je handen te kunnen koesteren is het erg belangrijk geen onverwachtse wilde bewegingen te maken, maar zo rustig mogelijk te blijven, zodat het niet meteen weer weg vliegt.

Zo is het ook met de Heilige Geest.
Om in ons het werk van Jezus te volbrengen is het nodig rust te vinden in het offer van Jezus Christus.
Pas vanuit die rust ín Hem zullen we in staat zijn tot de werken waarvoor Hij ons roept:

‘Gaat heen in de gehele wereld, verkondigt het evangelie aan de ganse schepping. Wie gelooft en zich laat dopen, zal behouden worden, maar wie niet gelooft, zal veroordeeld worden. Als tekenen zullen deze dingen de gelovigen volgen: in mijn naam zullen zij boze geesten uitdrijven, in nieuwe tongen zullen zij spreken, slangen zullen zij opnemen, en zelfs indien zij iets dodelijks drinken, zal het hun geen schade doen; op zieken zullen zij de handen leggen en zij zullen genezen worden.’
‭‭Marcus‬ ‭16:15-18‬ ‭NBG51‬‬
https://www.bible.com/328/mrk.16.15-18.nbg51

Paulus waarschuwt ons dat we de Heilige Geest ook bedroeven kunnen

‘En bedroeft de heilige Geest Gods niet, door wie gij verzegeld zijt tegen de dag der verlossing.’
‭‭Efeziërs‬ ‭4:30‬ ‭NBG51‬‬
https://www.bible.com/328/eph.4.30.nbg51

Ik ben bang dat we als kerk allang niet meer in de gaten hebben hoe we de Heilige Geest bedroeft hebben.
Door de Heilige Geest verzegelt, zijn we krachteloos geworden als gevolg van het aanbidden van de geest van de wereld, de tijdgeest van het ik-gerichte denken.
We hebben het te druk met van alles en nog wat, maar vergeten waartoe we tot de dag van Jezus komst verzegelt zijn.
Terwijl we ons in de kerk afvragen hoe we de mensen binnen kunnen houden, staat Jezus aan de buitendeur te kloppen om asjeblieft binnen gelaten te worden.

De Heilige Geest roept op tot bekering van onze dode werken, en ons in Jezus op de vrede en gerechtigheid van het Koninkrijk Gods te richten.
Daarna zullen ons alle andere dingen toegeworpen worden.
Wat zal dat een zegen voor ons zelf en daarna voor de wereld om ons heen zijn.
Net als Jezus op aarde rond te wandelen, om…vul alle profetieën over Hem maar in, want in Hem gelden ze ook voor u en mij!

Verlangt u, verlang jij daar ook zo naar?
Ikke wel, ik snak naar het openbaar worden van Zijn opstandingskracht in ons, de kinderen Gods, zodat de wereld gaat zien wie Jezus is!
Het gaat alleen om Hem, om niemand en niets anders!

Babyshower en Kraamfeest.

In de tijd dat ik zelf moeder werd, lag je tien dagen in de kraam, tenminste zo noemde men dat op Urk.
Als kraamvrouw werd van je geacht deze dagen vooral lekker in bed te blijven en je door de kraamverpleegster te laten verzorgen en verwennen.
Alsof je ook letterlijk in een kraam tentoongesteld lag, was het een zoete inval van feliciterende en cadeautjes meebrengende familie, vrienden en bekenden.
Je had een goeie kraamverzorgster wanneer ze de meegebrachte biefstukjes perfect bereiden kon en bij vertrek het huis schoonblinkend achterliet.

Een kraamfeest of babyshower bestond helemaal nog niet!
Google trouwens ook niet, waarschijnlijk kwam ik daardoor wel niet op het idee…
Type nu maar eens kraamfeest of babyshower in, en de pagina’s met aanbevelingen zijn niet te tellen.
Zelfs de bladen staan vol met oneindig veel tips voor het meest spetterende feest(spetterender dan dat van je buurvrouw), het perfecte cadeau (duurder dan dat van de andere genodigden) en de meest kostbare uitnodigingskaartjes (spectaculairder bezorgd dan dat van het feestje van je schoonzus)
Verder is de locatie natuurlijk van groot belang, hoe chiquer en groter, hoe beter je voor de dag komt.
En ook niet onbelangrijk; wie nodig je uit?

Nee vroeger wisten we daar niet van, dat is echt iets hips van de laatste tijd.
Alhoewel…
Ik las vanmorgen een verhaal over een opmerkelijke kraamfeest tweeduizend jaar geleden!

Hoe luxe en extravagant een kraamfeest tegenwoordig zijn kan, het kraamfeest van toen is vanaf de uitnodiging tot de ontmoeting met de pasgeboren baby niet te overtreffen.
Tot in het kleinste detail perfect gepland en uitgevoerd, precies zoals de Vader van het kind dat bedacht had.

De invitatie tot het kraamfeest was fenomenaal!
Aan de hemel stond plotseling een ster, schitterender dan alle andere.
Deze ster werd opgemerkt door een aantal wijze mannen, die meteen al door hadden dat het een uitnodigingskaart tot een wel heel speciaal feest moest zijn.
Na zorgvuldig onderzoek kwamen ze tot de ontdekking dat deze ster de geboorte van een bijzonder kind betekende, een koninklijk kind zelfs; de koning der Joden!

We kennen allemaal het verhaal; de wijzen uit het Oosten.
Kosten nog moeite werden gespaard, ze hadden een uitnodiging ontvangen en gingen op weg!
Zonder zich af te vragen of dit kind werkelijk zo bijzonder was, reisden ze duizenden kilometers om het kraamfeestje van dit voor hen onbekende kind bij te wonen.
Niemand vroeg; ‘bewijs eerst maar eens dat dit kind echt de Koning der Joden is, daarna gaan we bedenken of we er wat mee moeten of willen.’
Geen van hen zei: ‘laat hij ons eerst maar eens een teken geven pas dan geloof ik het…’

Deze welgestelde mannen schaamden zich niet hun peperdure mantels op te tillen om zich op blote knieën neer te buigen voor een weerloze baby.
Stel je dat eens voor, hooggeplaatste rijken der aarde die zich in het stof van die aarde neer laten vallen voor een kwetsbare baby!
Een teer kindje dat nog niets anders deed dan zijn luier vol poepen en wiens hongerig mondje alleen nog maar bezig was met zoeken naar de borst van zijn moeder Maria.
Terwijl ze hun kostbare geschenken, goud, mirre en wierook aan de voeten van dit kind neerlegden, zullen hen waarschijnlijk de tranen van ontroering over de wangen hebben gelopen.

Dit kostbare kind, de Koning der Joden, Jezus de Messias, de Zoon van God, vallen ook wij in eerbied voor hem neer?
Of doen we net als de kerk van toen en blijven we in Jeruzalem omdat we het daar al prima voor elkaar hebben?
Durven we net als de wijzen dat deden uit onze comfortzone te stappen?

Welke geschenken leggen wij aan zijn voeten?
Of vragen we hem eerst om een teken, een bewijs dat hij het is?

Heeft hij in zijn smadelijke kruisdood zijn liefde dan nog niet genoeg bewezen?
Is zijn goddelijke majesteit dan nog niet genoeg bekrachtigd door zijn opstandig uit dood en graf?
Welk teken moet hij ons nog meer geven?
Welk wonder wil jij nog van hem zien?

Deze koning, geslacht als het Lam der Wereld, wat heb ik hem te bieden dan alleen mijn hart?
Daarmee geef ik hem alles wat zijn hartje begeert…

Een gat in de lucht

Liggend op mijn rug in de met wilde bloemen bedekte dijk aan het IJsselmeer geniet ik van alle geuren en kleuren waarmee de natuur me omringd.
Het pas gemaaide gras kriebelt vriendelijk mijn rug en benen en lijkt daar oprecht plezier in te hebben.
Aan mijn voeten bloeit uitbundig
een dikke bos felgele Paardebloemen, terwijl mijn hoofd wordt omkranst door lieflijk geurende Madeliefjes.
Met mijn ogen volg ik het zachte zoemen van een ijverige bij en pluk ondertussen één van zijn favoriete bloemen, de rode Klaver.
Net als het vliegend wollige bolletje zwart-geel en bruin zuig ik voorzichtig het zoet uit de blaadjes van dit prachtig bloeiende suikerbloempje.
Wanneer ik mijn ogen tot spleetjes knijp worden de wuivend witte Klaverbloemen vrolijk huppelende schaapjes temidden van de kleurige uitbundigheid van alles wat op de dijk groeit en bloeit.
Mijmerend over Jezus en zijn lang voorzegd komen op de wolken tuur ik de hemel af, hopend op een teken van zijn komst.
De wonderlijke kleurschakering van de hemel, het spel van de voortdurend van vorm veranderende wolken en het goud van de daar tussendoor piepende zonnestralen neemt me mee in een onvoorstelbaar mooi visioen.

Opeens ben ik in de hemel.
Het is net het moment van het dagelijks ritueel; (voor zover je in de eeuwigheid nog van tijd spreken kunt) het spelletje met het smoelenboek.
Vader God bladert samen met zijn zoon Jezus door het boek.
De engelen spelen het spel mee en giechelen van opwinding over wat er komen gaat.
Vader en Zoon laten de spanning behoorlijk oplopen doordat ze blijkbaar maar niet kunnen kiezen welke foto vandaag aan de beurt is.
Dan eindelijk houdt Vader het boek omhoog en toont de engelen één van de foto’s.
Eer ik me overbuig om de foto ook te kunnen zien klapt Vader, schaterend van het lachen om mijn beduusde blik resoluut het boek dicht.
Nu is het de beurt van de engelen de spanning hoog op te drijven door net te doen alsof ze de naam van dit favoriete kind allang vergeten zijn.
Uren lang overleggen ze geheimzinnig fluisterend wat ze antwoorden zullen, totdat ze eindelijk aan Vader om een hint vragen.
‘zullen we het doen Jezus, geven we ze een hint?’
‘nou vooruit, voor deze ene keer, maar dat is dan wel meteen de laatste keer hoor!’
Daarop noemt Vader het aantal haren van degene waarvan de naam geraden moet worden.
Eindelijk, na weer urenlang gedebeleer zijn de engelen eruit.
Het noemen van de naam doet Vader juichen van uitbundige vreugde.
Hij danst, zingt en joelt van pure blijdschap.
Met Jezus voorop bereiden de duizenden engelen zich voor om met die naam op de lippen in reidans en zang langs het luchtruim te gaan.
Plotseling gebaart Vader stilte en vraagt mij of ik het ook goed gehoord heb?
‘Nou, om eerlijk te zijn niet Here God’ zeg ik bedremmeld.
‘noem de naam nog een keer’ zegt Vader waarop uit duizenden kelen mijn eigen naam gescandeerd wordt.
Ik heb geen tijd me te verbazen want Vader lijkt het wel voor de eerste keer te horen.
Nog blijer dan daarvóór springt hij met een luide knal een enorm gat in de lucht waardoor ik weer in het gras van de dijk neer duikel.

Beduusd over alles wat ik gehoord en gezien heb moet ik even bijkomen van dit hemelse ommetje.
Heb ik dit nou echt meegemaakt of droomde ik?
Opeens voel ik een zacht ruisende windvlaag vanwaar uit een mysterieus gegiechel mijn naam gelispelt wordt.
Ik weet het zeker, het zijn de engelen in hun reidans rond het hoge hemelruim!
Met vernieuwde ogen staar ik naar de zonnestralen tussen de gaten in de wolken en begrijp ineens de soms onverklaarbare knallen in de lucht.

Ze kunnen me wat met hun uitleg over een vliegtuig dat door de geluidsbarrière knalt, vanaf nu weet ik beter!!

Is dat nou wel echt zo?

Van Johannes weten we dat hij zichzelf ‘de apostel die Jezus lief heeft’ noemt.
Zó onder de indruk van de toewijding van zijn Meester, wist hij zich door Jezus intens geliefd en bemind.
‘The beloved’ zegt de Engelse vertaling; een geweldig woord dat in de klank zelf al een prachtige liefdes melodie is.
The beloved John…

Al eerder lezen we dat bij Zijn doop in de Jordaan de hemel zich opende en de Heilige Geest als een duif op Jezus neerdaalde.
Tegelijkertijd sprak uit de hemel Vaders’ luide stem; ‘Deze is mijn geliefde Zoon in wie Ik een welbehagen heb.’
Dit gebeurde niet in het geheim maar in het openbaar met veel toeschouwers er omheen.

Het zal je maar gebeuren dat de God van hemel en aarde vanuit de hemel roept dat je de Geliefde bent.
En niet alleen dat, God doet er nog een schepje bovenop door er achteraan te zeggen; ‘in Wie Ik een welbehagen heb,’
Om met woorden van deze tijd te spreken; Vader gaat uit zijn dak van euforische blijdschap over zijn Zoon!

Wat is de reden van dit welbehagen, deze euforie?
Hoe bizar en ongelooflijk dit ook klinkt, de reden van Vaders’ blijdschap is het lijden en sterven van deze Zoon.
Omdat in dat lijden en sterven zoals in Genesis 1 een nieuwe schepping geboren wordt.
Een nieuw begin, een nieuwe mens van wie God zegt dat het zeer goed is.
Een mens waarover God euforisch blij is, waarvan Hij uit zijn dak gaat van uitbundige vreugde, zó blij is God over deze compleet nieuw geschapen mens.

Die nieuwe mens zijn u, jij en ik wanneer we tot bekering komen.
De Bijbel, het Levend Woord van God zegt dat we mét Christus gestorven en begraven zijn.
Daar blijft het niet bij, want Jezus stond op uit de dood, en wij als nieuwe schepping mét en ín Hem stonden ook op uit die dood.

Dat is geweldig nieuws toch?
Vader God ziet ons in Christus aan alsof we zelf voor onze zonde en ongerechtigheid betaald hebben!
Alsof we zelf als een hinderlijk zoemend insect aan het kruis gepind werden…
God lag er als het ware wakker van, het hield Hem uit de slaap, zo hinderde Hem de zonde!
Zijn liefde voor ons liet het er niet bij zitten, Hij moest en zou de zonde verpletteren en teniet doen zodat Hij weer rust had.
Pats, bloed aan het plafond!
Niet óns bloed.
En toch ín Jezus óns bloed!

Petrus zegt:
‘Gij echter zijt een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilige natie, een volk (Gode) ten eigendom, om de grote daden te verkondigen van Hem, die u uit de duisternis geroepen heeft tot zijn wonderbaar licht:’
‭‭1 Petrus‬ ‭2:9‬ ‭NBG51‬‬
https://www.bible.com/328/1pe.2.9.nbg51

In hemels naam, wat bezielt ons als uitverkoren, koninklijk, priesterlijk en heilige mensen dan om te verkondigen dat we toch nog zondaren zijn?
Hebben we dan wel goed begrepen wat er in de kruisdood van Gods Zoon gebeurde?

Te zeggen dat we toch nog zondaar zijn en blijven lijkt zo vroom, maar zegt ten diepste dat we het met de zonde niet zo nauw nemen.
Terwijl God niet eerder rustte dan dat de macht van de zonde gebroken werd, liggen wij er niet echt wakker van.
Het kindschap Gods heeft ons niet echt verandert, de verkondiging van Zijn grote daden is niet onze eerste prioriteit.

Wat is het geheim van Jezus volkomen toewijding aan Zijn Vader?
Het antwoord daarop is kinderlijk eenvoudig; Hij wist zich niet alleen de Zoon van Vader, Hij wist zich de Geliefde Zoon van Vader.
Zonder dat had Hij nooit kunnen doen waarvoor Hij geroepen was.

Terwijl Jezus in Zijn wandel op aarde nog geen enkele prestatie geleverd heeft, bezegelde God Hem bij Zijn doop als de Geliefde Zoon!
Vader God zette Jezus daarmee in Zijn positie als Redder van de wereld.
Het is daarom opvallend dat Satan Jezus daarna tot zonde probeert te verleiden door Hem de zoon van God te noemen.
Maar omdat Jezus zich de Geliefde Zoon van God wist, bleef Hij zondeloos.

Heeft dat ons vandaag iets te zeggen?
Ja, dat zegt ons dat we als nieuwe schepping pas in onze voorbestemde positie komen te staan wanneer we ons gaan noemen wie we zijn; Geliefde kinderen van God in wie Hij een welbehagen heeft.

Satan was er alles aan gelegen Jezus te laten zondigen waardoor Hij Zijn positie als Redder van de wereld verliezen zou.
Net zo is het Satan erom te doen dat wij onze voorbestemde positie als heilige natie niet innemen.
Te zeggen dat we toch nog zondaren zijn maakt ons geloof krachteloos.
Deze leugen van Satan belet ons vervolgens de grote daden Gods te verkondigen, Hem die ons uit de duisternis in het Licht heeft gebracht!

Mijn gebed is dat wat Paulus ook bezielde:

‘Daarom houden ook wij sedert de dag, dat wij dit gehoord hebben, niet op voor u te bidden en te vragen, dat gij met de rechte kennis van zijn wil vervuld moogt worden, in alle wijsheid en geestelijk inzicht, om de Here waardig te wandelen, Hem in alles te behagen, in alle goed werk vrucht te dragen en op te wassen in de rechte kennis van God. Zo wordt gij met alle kracht bekrachtigd naar de macht zijner heerlijkheid tot alle volharding en geduld, en dankt gij met blijdschap de Vader, die u toebereid heeft voor het erfdeel der heiligen in het licht. Hij heeft ons verlost uit de macht der duisternis en overgebracht in het Koninkrijk van de Zoon zijner liefde, in wie wij de verlossing hebben, de vergeving der zonden.’
‭‭Kolossenzen‬ ‭1:9-14‬ ‭NBG51‬‬
https://www.bible.com/328/col.1.9-14.nbg51

Ga eens voor de spiegel staan en oefen het maar.
Zeg gewoon tegen jezelf de woorden die God ook over je spreekt; ‘jij bent de Geliefde Zoon, Dochter van God in wie Hij een welbehagen heeft!’

Omdat God het zegt is het echt zo!

Israël en onze schuld.

Vandaag werd ik in een toespraak als christen opgeroepen te bidden voor het volk Israël.
Omdat Israel het uitverkoren volk van God is, sta ik volledig achter deze aansporing.
Omdat God Zelf de aartsvader van Israel, Abraham, als heiden uit de volken riep om zich een heilig volk af te zonderen, geloof ik in de bijzondere positie van dit volk in de geschiedenis.
Jezus de Messias is uit dit volk geboren, en door dit volk terechtgesteld en gekruisigd.

Mede als gevolg daarvan heeft de protestantse kerk van Nederland een rampzalige vervangingstheologie of vervangingsleer in het leven geroepen,die als volgt is te definiëren:
– In het plan van God is de christelijke kerk in de plaats gekomen van Israël, of nauwkeu- riger geformuleerd, de kerk is het historisch vervolg van Israël.
– Het Joodse volk verschilt niet van andere etnische groepen, zoals de Engelsen, Span- jaarden, enz.
– Zonder berouw, wedergeboorte en integratie in de kerk hebben de Joden geen toe- komst, geen hoop en geen roeping.
– In onze tijd, na Pinksteren, is “Israël” (in de juiste betekenis van het woord) de kerk.

Gelukkig komen steeds meer gelovigen terug op deze zeer onbijbels leer, Israël heeft zijn positie als volk van God namelijk nooit verloren.
Een aansporing tot gebed voor Israel zou eigenlijk helemaal niet nodig hoeven zijn, al was het alleen maar omdat God zelf daartoe aanmoedigt in zijn belofte aan Abraham met de woorden;
‘Wie u zegent zal ik zegenen, wie u vervloekt zal ik vervloeken.’

Wat me opvalt in de meest pro-Israel samenkomsten, is het de christenen voortdurend herinneren aan hun schuld t.o.v. het volk Israël.
Deze schuld zit dan voornamelijk in het tijdens de Tweede Wereldoorlog, laffe optreden van de kerk in het algemeen, waardoor onder toeziend oog van de kerk miljoenen Joden zijn vermoord.

Ik stelde al eerder dat het als gelovige goed is te bidden voor het volk Israël.
Het is onweerlegbaar verschrikkelijk dat het overgrote deel van de kerk haar ogen sloot voor het wegvoeren van de Joden tijdens WO2 en zich zelfs verrijkte aan de gestolen rijkdom van deze Joden.

Toch heb ik moeite met de schuldvraag in combinatie met de noodzaak om voor Israël te bidden.
Vandaar mijn vraag; ‘is het terecht om mij als christen steeds te herinneren aan mijn schuld, waarbij deze schuld des te meer reden is tot voorbede voor Israël?’

Ik stel deze vraag omdat schuld in de kerk en in het persoonlijk leven van kerkmensen sowieso al vaak de ondertoon van ons geloof is.
We zijn zó doorspekt van schuld, het lijkt in onze genen verweven!

Schuld!
Terwijl Jezus in Zijn kruisdood volkomen verzoening bracht, en Paulus in Rom. 8:1 zegt dat er geen veroordeling is voor degene die in Christus Jezus zijn, zeggen we tegelijkertijd; ‘ja maar, we blijven zondaren.’
Maar al te vaak wordt het hoogmoedig en arrogant gevonden om van jezelf te zeggen een geliefd kind in wie God een welbehagen heeft, te zijn.

Ik geloof dat we Jezus eren in ons te noemen wat we zijn; Geliefde kinderen van de allerhoogste God!
Te proclameren dat we evengoed ook nog zondaar zijn zegt als het ware dat Jezus voor niets gestorven is.
Zijn offer is niet genoeg geweest; voor sommige stukjes kunnen we het zelf of zou Hij nog een keer gekruisigd moeten worden.
Dit is natuurlijk klinkklare leugen, waarmee we de God van Israël te kort doen en onszelf beroven van de vreugde over onze vrijheid in Christus.

Daarom geloof ik dat oproepen tot gebed voor Israël, niet gepaard moet gaan met schuld.
De reden dat we voor Israël bidden is liefde voor onze oudere broer, en niet omdat we schuld hebben aan dat volk.

Wat nog kwalijker is, we stellen Israël Jezus voor als iemand die blijft hameren op schuld, terwijl onze en Israels schuld mét en in Jezus aan het kruis gehamerd is.
Met ander woorden:
Israëls schuld voor het doden van de Zoon van God en onze schuld aan het doden van miljoenen Joden is in de kruisdood van Jezus teniet gedaan.

Wanneer schuldgevoel de reden is tot voorbede voor ons broedervolk Israël, zetten we hún en onze oudste broer, Jezus te schande, en zijn we zelf onderdeel in het ontkennen van Jezus Messias.

David zong er al van hoe iedere aanklacht aan het kruis de mond is gesnoerd;

‘Ziet, hoe goed en hoe liefelijk is het, als broeders tezamen wonen.
Het is als de kostelijke olie op het hoofd, nedervloeiende op de baard van onze oudste broer, Jezus, onze Koning, Priester en Profeet.
Hoe luiden de vrolijk klinkende belletjes onder aan de zoom van zijn priesterkleed ons eeuwig loflied in;
‘Heilig heilig heilig is onze God Almachtig!’
‭‭
‭Zing je mee in de schuldvrije ruimte?